← Terug naar alle raadsvragen
Leesversie 24 van 492
Milieustraat Volendam naar aanleiding van controle Omgevingsdienst IJmond
Lees de openbare vraag, het antwoord en de bijlagen als webtekst.
Deze raadsvraag over Milieustraat Volendam naar aanleiding van controle Omgevingsdienst IJmond is gesteld door LEV op 14-08-2026. Het openbare antwoord is gedateerd 17-09-2026. Het dossier bevat 4 documenten.
Leesversie. De tekst hieronder is automatisch uit de openbare PDF-bestanden gehaald. De originele PDF onder ieder document blijft de officiële bron. Bijlagen zijn niet automatisch als vraag of antwoord ingedeeld.
Lees waar de informatie vandaan komt en hoe de leesversie is gemaakt
Direct openen
Documenten en bijlagen
Open hier de officiële vraag en beantwoording of één van de bijbehorende stukken als PDF.
- LEV Milieustraat Volendam naar aanleiding van controle Omgevingsdienst IJmond
- Bijlage 1 - Brief ODIJmond over last onder dwangsom milieustraat Volendam na controle
- Bijlage 2 - Zienswijze aan ODIJmond n.a.v. controle milieustraat Volendam
- RIB Getroffen maatregelen n.a.v. controle Omgevingsdienst IJmond
Openbaar document
LEV Milieustraat Volendam naar aanleiding van controle Omgevingsdienst IJmond
Pagina 1
17 september 2026 13:52
Detailrapport Vraag en antwoord los v/h Raadsplein (ID 1069)
Veld Waarde
Datum vraag 14-08-2026
Onderwerp Milieustraat Volendam naar aanleiding van controle
Omgevingsdienst IJmond
Fractie(s) LEV
Vraag en antwoord Op 13 augustus 2026 ontving de gemeenteraad de
raadsinformatiebrief ‘Maatregelen milieustraat Volendam n.a.v.
controle Omgevingsdienst IJmond’, gedateerd 30 juli 2026.
Uit de raadsinformatiebrief en de daarbij gevoegde stukken blijkt
dat toezichthouders van Omgevingsdienst IJmond op 8 mei 2026
een controle hebben uitgevoerd op de milieustraat Volendam.
Daarbij zijn meerdere overtredingen van milieuwet en regelgeving
geconstateerd.
De onderliggende brief van Omgevingsdienst IJmond van 20 juli
2026 geeft naar het oordeel van Lokaal Edam-Volendam aanleiding
tot aanvullende vragen. Daaruit blijkt onder meer dat activiteiten
werden uitgevoerd zonder de daarvoor vereiste
omgevingsvergunning milieu, dat bedrijfsafvalstoffen al geruime tijd
werden ingenomen, dat onvoldoende inzicht bestond in de aard en
herkomst van bepaalde afvalstromen en dat verschillende
tekortkomingen op het gebied van opslag en veiligheid zijn
geconstateerd.
Daarnaast valt op dat Omgevingsdienst IJmond voornemens was
een last onder dwangsom op te leggen en een afschrift van de
waarschuwingsbrief heeft verzonden aan de politie en de boa-
coördinator, waarbij wordt vermeld dat strafrechtelijk optreden
mogelijk blijft. Niet al deze informatie komt in dezelfde mate terug
in de raadsinformatiebrief.
Een bijzonder aandachtspunt vormt de afvalstroom van afgedankte
elektrische en elektronische apparatuur (AEEA). Omgevingsdienst
IJmond vermeldt dat in 2025 244.860 kilogram AEEA met
gevaarlijke onderdelen is afgevoerd, terwijl tijdens de controle is
geconstateerd dat het ingenomen AEEA voornamelijk uit AEEA
zonder gevaarlijke onderdelen bestond. De Omgevingsdienst
spreekt daarbij over bijna 800 kilogram per dag en vraagt vanwege
deze omvang om bewijs van de herkomst. Uit de zienswijze van de
gemeente blijkt vervolgens dat niet in alle gevallen kan worden
vastgesteld of het AEEA afkomstig was van particulieren of
bedrijven.
Lokaal Edam-Volendam vindt het van belang dat de gemeenteraad
volledig inzicht krijgt in de duur en omvang van de geconstateerde
Detailrapport Vraag en antwoord los v/h Raadsplein (ID 1069)
Veld Waarde
Datum vraag 14-08-2026
Onderwerp Milieustraat Volendam naar aanleiding van controle
Omgevingsdienst IJmond
Fractie(s) LEV
Vraag en antwoord Op 13 augustus 2026 ontving de gemeenteraad de
raadsinformatiebrief ‘Maatregelen milieustraat Volendam n.a.v.
controle Omgevingsdienst IJmond’, gedateerd 30 juli 2026.
Uit de raadsinformatiebrief en de daarbij gevoegde stukken blijkt
dat toezichthouders van Omgevingsdienst IJmond op 8 mei 2026
een controle hebben uitgevoerd op de milieustraat Volendam.
Daarbij zijn meerdere overtredingen van milieuwet en regelgeving
geconstateerd.
De onderliggende brief van Omgevingsdienst IJmond van 20 juli
2026 geeft naar het oordeel van Lokaal Edam-Volendam aanleiding
tot aanvullende vragen. Daaruit blijkt onder meer dat activiteiten
werden uitgevoerd zonder de daarvoor vereiste
omgevingsvergunning milieu, dat bedrijfsafvalstoffen al geruime tijd
werden ingenomen, dat onvoldoende inzicht bestond in de aard en
herkomst van bepaalde afvalstromen en dat verschillende
tekortkomingen op het gebied van opslag en veiligheid zijn
geconstateerd.
Daarnaast valt op dat Omgevingsdienst IJmond voornemens was
een last onder dwangsom op te leggen en een afschrift van de
waarschuwingsbrief heeft verzonden aan de politie en de boa-
coördinator, waarbij wordt vermeld dat strafrechtelijk optreden
mogelijk blijft. Niet al deze informatie komt in dezelfde mate terug
in de raadsinformatiebrief.
Een bijzonder aandachtspunt vormt de afvalstroom van afgedankte
elektrische en elektronische apparatuur (AEEA). Omgevingsdienst
IJmond vermeldt dat in 2025 244.860 kilogram AEEA met
gevaarlijke onderdelen is afgevoerd, terwijl tijdens de controle is
geconstateerd dat het ingenomen AEEA voornamelijk uit AEEA
zonder gevaarlijke onderdelen bestond. De Omgevingsdienst
spreekt daarbij over bijna 800 kilogram per dag en vraagt vanwege
deze omvang om bewijs van de herkomst. Uit de zienswijze van de
gemeente blijkt vervolgens dat niet in alle gevallen kan worden
vastgesteld of het AEEA afkomstig was van particulieren of
bedrijven.
Lokaal Edam-Volendam vindt het van belang dat de gemeenteraad
volledig inzicht krijgt in de duur en omvang van de geconstateerde
Pagina 2
17 september 2026 13:52
Pagina 2
overtredingen, de financiële en juridische risico’s, de interne
beheersing van de milieustraat en de wijze waarop de raad hierover
is geïnformeerd.
Daarom stellen wij de volgende vragen.
Vraag 1.
Kan het college per door Omgevingsdienst IJmond geconstateerde
overtreding aangeven:
A: Sinds wanneer de betreffende situatie volgens het college
bestond?
B: Wanneer deze intern voor het eerst bekend was:
C: Welke maatregelen inmiddels zijn getroffen, op welke datum de
overtreding feitelijk is of naar verwachting wordt beëindigd?
Antwoord 1A:
-In werking zijn zonder omgevingsvergunning, innemen
bedrijfsafval: waarschijnlijk voor 2000
-Melden LMA (gevaarlijk bedrijfsafval): sinds wettelijke
registratieverplichting LMA (2005)
-Niet voldoen aan eigen acceptatie- en verwerkingsbeleid
(ontmoedigen bedrijfsafval): sinds 2023
-Afgifte afvalstoffen (metaal): feitelijk geen overtreding, afgifte aan
erkend inzamelaar, registratie aanwezig
-Deuren KCA-opslag in geopende stand vastgezet: incidenteel
-Te grote opslag brandbare vloeistoffen buiten opslagvoorziening:
incidenteel
-Gasflessenopslag – brandbare objecten en signalering: incidenteel,
sinds ingebruikname gasflessenopslag
Antwoord 1B:
-In werking zijn zonder omgevingsvergunning – innemen
bedrijfsafval: sinds enkele jaren
-Melden LMA (gevaarlijk bedrijfsafval): sinds brief OD IJmond d.d.
20 juli 2026
-Niet voldoen aan eigen acceptatie- en verwerkingsbeleid
(ontmoedigen bedrijfsafval): sinds 2023
-Afgifte afvalstoffen (metaal): sinds brief 20 juli 2026
-Deuren KCA-opslag in geopende stand vastgezet: incidenteel, sinds
brief 20 juli 2026
-Te grote opslag brandbare vloeistoffen buiten opslagvoorziening:
incidenteel
-Gasflessenopslag – brandbare en signalering: incidenteel, sinds
brief 20 juli 2026
Antwoord 1C:
-In werking zijn zonder omgevingsvergunning – innemen
bedrijfsafval: aanvullende gegevens op 30 juli 2026 toegezonden
aan OD IJmond, concreet zicht op legalisatie
-Melden LMA (gevaarlijk bedrijfsafval): per 1 oktober 2026
innamestop gevaarlijk bedrijfsafval, daarmee wordt overtreding
beëindigd
-Niet voldoen aan eigen acceptatie- en verwerkingsbeleid
(ontmoedigen bedrijfsafval): gewijzigd beleid vastgesteld, op 30 juli
Pagina 2
overtredingen, de financiële en juridische risico’s, de interne
beheersing van de milieustraat en de wijze waarop de raad hierover
is geïnformeerd.
Daarom stellen wij de volgende vragen.
Vraag 1.
Kan het college per door Omgevingsdienst IJmond geconstateerde
overtreding aangeven:
A: Sinds wanneer de betreffende situatie volgens het college
bestond?
B: Wanneer deze intern voor het eerst bekend was:
C: Welke maatregelen inmiddels zijn getroffen, op welke datum de
overtreding feitelijk is of naar verwachting wordt beëindigd?
Antwoord 1A:
-In werking zijn zonder omgevingsvergunning, innemen
bedrijfsafval: waarschijnlijk voor 2000
-Melden LMA (gevaarlijk bedrijfsafval): sinds wettelijke
registratieverplichting LMA (2005)
-Niet voldoen aan eigen acceptatie- en verwerkingsbeleid
(ontmoedigen bedrijfsafval): sinds 2023
-Afgifte afvalstoffen (metaal): feitelijk geen overtreding, afgifte aan
erkend inzamelaar, registratie aanwezig
-Deuren KCA-opslag in geopende stand vastgezet: incidenteel
-Te grote opslag brandbare vloeistoffen buiten opslagvoorziening:
incidenteel
-Gasflessenopslag – brandbare objecten en signalering: incidenteel,
sinds ingebruikname gasflessenopslag
Antwoord 1B:
-In werking zijn zonder omgevingsvergunning – innemen
bedrijfsafval: sinds enkele jaren
-Melden LMA (gevaarlijk bedrijfsafval): sinds brief OD IJmond d.d.
20 juli 2026
-Niet voldoen aan eigen acceptatie- en verwerkingsbeleid
(ontmoedigen bedrijfsafval): sinds 2023
-Afgifte afvalstoffen (metaal): sinds brief 20 juli 2026
-Deuren KCA-opslag in geopende stand vastgezet: incidenteel, sinds
brief 20 juli 2026
-Te grote opslag brandbare vloeistoffen buiten opslagvoorziening:
incidenteel
-Gasflessenopslag – brandbare en signalering: incidenteel, sinds
brief 20 juli 2026
Antwoord 1C:
-In werking zijn zonder omgevingsvergunning – innemen
bedrijfsafval: aanvullende gegevens op 30 juli 2026 toegezonden
aan OD IJmond, concreet zicht op legalisatie
-Melden LMA (gevaarlijk bedrijfsafval): per 1 oktober 2026
innamestop gevaarlijk bedrijfsafval, daarmee wordt overtreding
beëindigd
-Niet voldoen aan eigen acceptatie- en verwerkingsbeleid
(ontmoedigen bedrijfsafval): gewijzigd beleid vastgesteld, op 30 juli
Pagina 3
17 september 2026 13:52
Pagina 3
2026 toegezonden aan OD IJmond, overtreding beëindigd
-Afgifte afvalstoffen (metaal): zie antwoord 1A, te tonen bij volgend
controlebezoek, overtreding beëindigd
-Deuren KCA-opslag in geopende stand vastgezet: instructie
medewerkers, overtreding beëindigd
-Te grote opslag brandbare vloeistoffen buiten opslagvoorziening:
voorraad teruggebracht, overtreding beëindigd
-Gasflessenopslag – brandbare objecten en signalering: markering
aangebracht, overtreding beëindigd
Vraag 2.
Omgevingsdienst IJmond constateert dat op de milieustraat
activiteiten werden uitgevoerd waarvoor geen
omgevingsvergunning milieu was verleend. Sinds welke datum
worden op de milieustraat bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke
afvalstoffen van bedrijven ingenomen en opgeslagen?
Antwoord 2:
Waarschijnlijk sinds ongeveer 1983.
Vraag 3.
Wanneer heeft het college voor het eerst vastgesteld of vernomen
dat voor deze activiteiten een omgevingsvergunning milieu
noodzakelijk was?
Antwoord 3:
De precieze datum waarop het college hiervan kennis heeft
genomen, is niet bekend. In een brief van 6 april 2023 heeft OD
IJmond ons op de hoogte gesteld dat voor het innemen en
overslaan van bedrijfsafvalstoffen een omgevingsvergunning milieu
noodzakelijk is.
Vraag 4.
De gemeente heeft op 6 mei 2025 een vergunningaanvraag
ingediend. Omgevingsdienst IJmond constateert in haar brief van 20
juli 2026 dat onvoldoende informatie was overgelegd en dat er op
dat moment geen zicht op legalisatie bestond. Hoe verklaart het
college dat de aanvraag ruim een jaar na indiening nog niet
compleet was?
Antwoord 4:
Op 2 oktober 2025 hebben wij per e-mail van OD IJmond bericht
ontvangen dat de vergunningaanvraag nog aanvullende gegevens
vereiste. Op dat moment liep de discussie over de vraag of de
gemeente bedrijfsafval wil blijven inzamelen. Omdat die discussie
rechtstreeks van invloed was op de noodzaak van de
vergunningaanvraag, hebben wij ervoor gekozen de gevraagde
aanvullende gegevens nog niet aan te leveren in afwachting van
duidelijkheid hierover. Hierdoor is de aanvraag gedurende langere
tijd niet aangevuld. Dat verklaart waarom de aanvraag ruim een jaar
na indiening nog niet compleet was.
Vraag 5.
In de raadsinformatiebrief van 30 juli 2026 schrijft het college te
Pagina 3
2026 toegezonden aan OD IJmond, overtreding beëindigd
-Afgifte afvalstoffen (metaal): zie antwoord 1A, te tonen bij volgend
controlebezoek, overtreding beëindigd
-Deuren KCA-opslag in geopende stand vastgezet: instructie
medewerkers, overtreding beëindigd
-Te grote opslag brandbare vloeistoffen buiten opslagvoorziening:
voorraad teruggebracht, overtreding beëindigd
-Gasflessenopslag – brandbare objecten en signalering: markering
aangebracht, overtreding beëindigd
Vraag 2.
Omgevingsdienst IJmond constateert dat op de milieustraat
activiteiten werden uitgevoerd waarvoor geen
omgevingsvergunning milieu was verleend. Sinds welke datum
worden op de milieustraat bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke
afvalstoffen van bedrijven ingenomen en opgeslagen?
Antwoord 2:
Waarschijnlijk sinds ongeveer 1983.
Vraag 3.
Wanneer heeft het college voor het eerst vastgesteld of vernomen
dat voor deze activiteiten een omgevingsvergunning milieu
noodzakelijk was?
Antwoord 3:
De precieze datum waarop het college hiervan kennis heeft
genomen, is niet bekend. In een brief van 6 april 2023 heeft OD
IJmond ons op de hoogte gesteld dat voor het innemen en
overslaan van bedrijfsafvalstoffen een omgevingsvergunning milieu
noodzakelijk is.
Vraag 4.
De gemeente heeft op 6 mei 2025 een vergunningaanvraag
ingediend. Omgevingsdienst IJmond constateert in haar brief van 20
juli 2026 dat onvoldoende informatie was overgelegd en dat er op
dat moment geen zicht op legalisatie bestond. Hoe verklaart het
college dat de aanvraag ruim een jaar na indiening nog niet
compleet was?
Antwoord 4:
Op 2 oktober 2025 hebben wij per e-mail van OD IJmond bericht
ontvangen dat de vergunningaanvraag nog aanvullende gegevens
vereiste. Op dat moment liep de discussie over de vraag of de
gemeente bedrijfsafval wil blijven inzamelen. Omdat die discussie
rechtstreeks van invloed was op de noodzaak van de
vergunningaanvraag, hebben wij ervoor gekozen de gevraagde
aanvullende gegevens nog niet aan te leveren in afwachting van
duidelijkheid hierover. Hierdoor is de aanvraag gedurende langere
tijd niet aangevuld. Dat verklaart waarom de aanvraag ruim een jaar
na indiening nog niet compleet was.
Vraag 5.
In de raadsinformatiebrief van 30 juli 2026 schrijft het college te
Pagina 4
17 september 2026 13:52
Pagina 4
verwachten de omgevingsvergunning nog in 2026 te ontvangen.
Waarop is deze verwachting concreet gebaseerd, terwijl
Omgevingsdienst IJmond tien dagen eerder nog schrijft dat er op
dat moment geen zicht op legalisatie bestaat?
Antwoord 5:
De verwachting dat de omgevingsvergunning nog in 2026 kan
worden verleend, is gebaseerd op het feit dat de aanvullende
gegevens voor de vergunningaanvraag aan OD IJmond zijn
toegezonden. Hiermee kan de beoordeling van de aanvraag worden
voortgezet. De verdere voortgang en termijn van
vergunningverlening zijn afhankelijk van de beoordeling door OD
IJmond.
Vraag 6:
Heeft ODIJmond inmiddels schriftelijk aangegeven dat er wel
concreet zicht op legalisatie bestaat? Zo ja, kan het college deze
correspondentie aan de raad verstrekken?
Antwoord 6:
Nee.
Vraag 7.
Omgevingsdienst IJmond schrijft dat de milieustraat heeft bevestigd
dat al geruime tijd bedrijfsafvalstoffen worden ingenomen. Wat
wordt door het college verstaan onder “al geruime tijd” en kan het
college aangeven vanaf welk jaar bedrijfsafval structureel op de
milieustraat wordt geaccepteerd?
Antwoord 7:
Waarschijnlijk sinds ongeveer 1983.
Vraag 8.
Hoeveel bedrijven hebben in de jaren 2022, 2023, 2024, 2025 en tot
op heden in 2026 bedrijfsafval aangeboden op de milieustraat?
Graag per jaar het aantal bedrijven, het aantal bezoeken, voor zover
bekend het totale gewicht en de ontvangen vergoedingen
vermelden.
Antwoord 8:
Voor beantwoording van deze vraag is nader uitzoekwerk
noodzakelijk. Hier komen wij op terug.
Vraag 9.
Omgevingsdienst IJmond constateert dat onvoldoende inzicht
bestond in welke afvalstoffen bedrijven precies aanleverden. Hoe
kon het college in dat geval controleren of uitsluitend afvalstoffen
werden ingenomen die de milieustraat op grond van de geldende
vergunning, regelgeving en het eigen acceptatiebeleid mocht
accepteren?
Antwoord 9:
Het college heeft niet kunnen controleren of uitsluitend
afvalstoffen werden ingenomen die de milieustraat op grond van de
geldende vergunning, regelgeving en het eigen acceptatiebeleid
mocht accepteren, omdat onvoldoende inzicht bestond in de
Pagina 4
verwachten de omgevingsvergunning nog in 2026 te ontvangen.
Waarop is deze verwachting concreet gebaseerd, terwijl
Omgevingsdienst IJmond tien dagen eerder nog schrijft dat er op
dat moment geen zicht op legalisatie bestaat?
Antwoord 5:
De verwachting dat de omgevingsvergunning nog in 2026 kan
worden verleend, is gebaseerd op het feit dat de aanvullende
gegevens voor de vergunningaanvraag aan OD IJmond zijn
toegezonden. Hiermee kan de beoordeling van de aanvraag worden
voortgezet. De verdere voortgang en termijn van
vergunningverlening zijn afhankelijk van de beoordeling door OD
IJmond.
Vraag 6:
Heeft ODIJmond inmiddels schriftelijk aangegeven dat er wel
concreet zicht op legalisatie bestaat? Zo ja, kan het college deze
correspondentie aan de raad verstrekken?
Antwoord 6:
Nee.
Vraag 7.
Omgevingsdienst IJmond schrijft dat de milieustraat heeft bevestigd
dat al geruime tijd bedrijfsafvalstoffen worden ingenomen. Wat
wordt door het college verstaan onder “al geruime tijd” en kan het
college aangeven vanaf welk jaar bedrijfsafval structureel op de
milieustraat wordt geaccepteerd?
Antwoord 7:
Waarschijnlijk sinds ongeveer 1983.
Vraag 8.
Hoeveel bedrijven hebben in de jaren 2022, 2023, 2024, 2025 en tot
op heden in 2026 bedrijfsafval aangeboden op de milieustraat?
Graag per jaar het aantal bedrijven, het aantal bezoeken, voor zover
bekend het totale gewicht en de ontvangen vergoedingen
vermelden.
Antwoord 8:
Voor beantwoording van deze vraag is nader uitzoekwerk
noodzakelijk. Hier komen wij op terug.
Vraag 9.
Omgevingsdienst IJmond constateert dat onvoldoende inzicht
bestond in welke afvalstoffen bedrijven precies aanleverden. Hoe
kon het college in dat geval controleren of uitsluitend afvalstoffen
werden ingenomen die de milieustraat op grond van de geldende
vergunning, regelgeving en het eigen acceptatiebeleid mocht
accepteren?
Antwoord 9:
Het college heeft niet kunnen controleren of uitsluitend
afvalstoffen werden ingenomen die de milieustraat op grond van de
geldende vergunning, regelgeving en het eigen acceptatiebeleid
mocht accepteren, omdat onvoldoende inzicht bestond in de
Pagina 5
17 september 2026 13:52
Pagina 5
afvalstoffen die door bedrijven werden aangeleverd.
Vraag 10.
Welke interne controles hebben in de afgelopen vijf jaar
plaatsgevonden op de naleving van het acceptatie en
verwerkingsbeleid van de milieustraat en welke functionaris of
afdeling was verantwoordelijk voor deze controle?
Antwoord 10:
In de afgelopen vijf jaar hebben geen specifieke interne controles
plaatsgevonden die uitsluitend waren gericht op de naleving van
het acceptatie- en verwerkingsbeleid van de milieustraat. De
afdeling Openbare Werken is verantwoordelijk voor de uitvoering
van het acceptatie- en verwerkingsbeleid. De huidige werkwijze
komt in hoofdzaak overeen met het geldende beleid, met
uitzondering van het uitgangspunt om de aanlevering van
bedrijfsafval te ontmoedigen. Naar aanleiding van de controles van
de Omgevingsdienst in 2023 en 2026 is het beleid opnieuw
beoordeeld en herzien. Deze controles hebben daarmee mede
aanleiding gegeven tot aanpassingen en verduidelijking van het
beleid.
Vraag 11.
Omgevingsdienst IJmond vermeldt dat in 2025 244.860 kilogram
AEEA met gevaarlijke onderdelen onder Euralcode 200135* is
afgevoerd. Kan het college verklaren hoe deze hoeveelheid tot
stand is gekomen?
Antwoord 11:
Die hoeveelheid is gebleken uit onze administratie.
Vraag 12.
Kan het college aangeven hoeveel kilogram AEEA in de jaren 2022,
2023, 2024, 2025 en tot op heden in 2026 jaarlijks via de
milieustraat is ingenomen en afgevoerd, uitgesplitst naar de
gebruikte Euralcodes?
Antwoord 12:
De tonnages AEEA per jaar:
2022: 211
2023: 195
2024: 211
2025: 245
2026: 157 (14ton meer dan in dezelfde periode 2025)
Vraag 13.
Omgevingsdienst IJmond stelt dat 244.860 kilogram neerkomt op
bijna 800 kilogram AEEA per dag en acht deze hoeveelheid dermate
groot dat wordt vermoed dat deze niet uitsluitend van particulieren
afkomstig kan zijn. Deelt het college deze constatering? Zo nee,
waarom niet?
Antwoord 13:
Nee, die constatering delen wij niet. Zie antwoord 15.
Pagina 5
afvalstoffen die door bedrijven werden aangeleverd.
Vraag 10.
Welke interne controles hebben in de afgelopen vijf jaar
plaatsgevonden op de naleving van het acceptatie en
verwerkingsbeleid van de milieustraat en welke functionaris of
afdeling was verantwoordelijk voor deze controle?
Antwoord 10:
In de afgelopen vijf jaar hebben geen specifieke interne controles
plaatsgevonden die uitsluitend waren gericht op de naleving van
het acceptatie- en verwerkingsbeleid van de milieustraat. De
afdeling Openbare Werken is verantwoordelijk voor de uitvoering
van het acceptatie- en verwerkingsbeleid. De huidige werkwijze
komt in hoofdzaak overeen met het geldende beleid, met
uitzondering van het uitgangspunt om de aanlevering van
bedrijfsafval te ontmoedigen. Naar aanleiding van de controles van
de Omgevingsdienst in 2023 en 2026 is het beleid opnieuw
beoordeeld en herzien. Deze controles hebben daarmee mede
aanleiding gegeven tot aanpassingen en verduidelijking van het
beleid.
Vraag 11.
Omgevingsdienst IJmond vermeldt dat in 2025 244.860 kilogram
AEEA met gevaarlijke onderdelen onder Euralcode 200135* is
afgevoerd. Kan het college verklaren hoe deze hoeveelheid tot
stand is gekomen?
Antwoord 11:
Die hoeveelheid is gebleken uit onze administratie.
Vraag 12.
Kan het college aangeven hoeveel kilogram AEEA in de jaren 2022,
2023, 2024, 2025 en tot op heden in 2026 jaarlijks via de
milieustraat is ingenomen en afgevoerd, uitgesplitst naar de
gebruikte Euralcodes?
Antwoord 12:
De tonnages AEEA per jaar:
2022: 211
2023: 195
2024: 211
2025: 245
2026: 157 (14ton meer dan in dezelfde periode 2025)
Vraag 13.
Omgevingsdienst IJmond stelt dat 244.860 kilogram neerkomt op
bijna 800 kilogram AEEA per dag en acht deze hoeveelheid dermate
groot dat wordt vermoed dat deze niet uitsluitend van particulieren
afkomstig kan zijn. Deelt het college deze constatering? Zo nee,
waarom niet?
Antwoord 13:
Nee, die constatering delen wij niet. Zie antwoord 15.
Pagina 6
17 september 2026 13:52
Pagina 6
Vraag 14.
In de zienswijze schrijft de gemeente dat zij niet in alle gevallen
beschikt over informatie waaruit kan worden afgeleid of het
aangeleverde AEEA afkomstig was van particulieren of bedrijven.
Hoe kan het dat bij een afvalstroom van deze omvang de herkomst
achteraf niet volledig kan worden vastgesteld?
Antwoord 14:
De herkomst kan niet worden vastgesteld omdat het afval dat
wordt ingeleverd niet gekoppeld wordt aan degene die het inlevert.
Daarnaast is er geen controle aan de poort wie er afval komt
inleveren.
Vraag 15.
Kan het college voor de 244.860 kilogram AEEA uit 2025 aangeven
welk gedeelte aantoonbaar afkomstig is van inwoners, welk
gedeelte aantoonbaar afkomstig is van bedrijven en van welk
gedeelte de herkomst niet meer kan worden vastgesteld?
Antwoord 15:
Het is onduidelijk of en hoeveel AEEA van bedrijven wordt
ingenomen. In 2024 hebben wij een analyse laten uitvoeren door
De Afval Spiegel over het bedrijfsafval op de milieustraat. Hieruit is
gebleken dat het aanbod van puin, hout, grof restafval en bouw- en
sloopafval heel ruim boven het gemiddelde van vergelijkbare
gemeenten ligt. Daarnaast is gebleken dat 25% van de bezoeken
een bedrijf is. Dit verklaart slechts deels waarom het afvalaanbod
met 596kg gemiddeld per huishouden in 2023 82% hoger ligt dan in
vergelijkbare gemeenten. De afvalstroom AEEA is tijdens de
uitvoering van het onderzoek niet noemenswaardig genoteerd en
daarom niet benoemd in het onderzoeksrapport.
Naast het onderzoek van De Afval Spiegel hebben wij juli jl. de
aangesloten bedrijven geanalyseerd. Hieruit is gebleken dat wij van
vier bedrijven AEEA zouden kunnen verwachten. Dit is van een
elektra winkel, keukenrenovatiebedrijf, rolluiken en zonwering
bedrijf en een airco en elektra bedrijf. Het airco en elektra bedrijf is
sinds mei 2026 aangesloten bij de milieustraat. De eerder gedeelde
cijfers zijn van 2025. Deze bedrijven betalen jaarlijks reinigingsrecht
om 1m3 tot maximaal 5m3 afval in te leveren. Wij verwachten niet
dat deze bedrijven alleen AEEA inleveren, maar dat zou dan
maximaal 20m3 AEEA bedrijfsafval per jaar zijn. In onze container
van 38m3 gaat gemiddeld 2,3ton. We nemen dan maximaal 1,2ton
AEEA uit bedrijfsafval in. Dit is een mix van gevaarlijk en
ongevaarlijk AEEA. Ook dit verklaart niet waarom de inname van
AEEA zo hoog is op de milieustraat in Volendam.
Vraag 16.
Indien een gedeelte van deze afvalstroom afkomstig is van
bedrijven: welke bedrijven betreft dit, welke hoeveelheden hebben
zij aangeboden en welke vergoedingen zijn hiervoor door de
gemeente ontvangen? Indien het college deze gegevens niet kan
verstrekken, kan het college toelichten waarom deze administratie
Pagina 6
Vraag 14.
In de zienswijze schrijft de gemeente dat zij niet in alle gevallen
beschikt over informatie waaruit kan worden afgeleid of het
aangeleverde AEEA afkomstig was van particulieren of bedrijven.
Hoe kan het dat bij een afvalstroom van deze omvang de herkomst
achteraf niet volledig kan worden vastgesteld?
Antwoord 14:
De herkomst kan niet worden vastgesteld omdat het afval dat
wordt ingeleverd niet gekoppeld wordt aan degene die het inlevert.
Daarnaast is er geen controle aan de poort wie er afval komt
inleveren.
Vraag 15.
Kan het college voor de 244.860 kilogram AEEA uit 2025 aangeven
welk gedeelte aantoonbaar afkomstig is van inwoners, welk
gedeelte aantoonbaar afkomstig is van bedrijven en van welk
gedeelte de herkomst niet meer kan worden vastgesteld?
Antwoord 15:
Het is onduidelijk of en hoeveel AEEA van bedrijven wordt
ingenomen. In 2024 hebben wij een analyse laten uitvoeren door
De Afval Spiegel over het bedrijfsafval op de milieustraat. Hieruit is
gebleken dat het aanbod van puin, hout, grof restafval en bouw- en
sloopafval heel ruim boven het gemiddelde van vergelijkbare
gemeenten ligt. Daarnaast is gebleken dat 25% van de bezoeken
een bedrijf is. Dit verklaart slechts deels waarom het afvalaanbod
met 596kg gemiddeld per huishouden in 2023 82% hoger ligt dan in
vergelijkbare gemeenten. De afvalstroom AEEA is tijdens de
uitvoering van het onderzoek niet noemenswaardig genoteerd en
daarom niet benoemd in het onderzoeksrapport.
Naast het onderzoek van De Afval Spiegel hebben wij juli jl. de
aangesloten bedrijven geanalyseerd. Hieruit is gebleken dat wij van
vier bedrijven AEEA zouden kunnen verwachten. Dit is van een
elektra winkel, keukenrenovatiebedrijf, rolluiken en zonwering
bedrijf en een airco en elektra bedrijf. Het airco en elektra bedrijf is
sinds mei 2026 aangesloten bij de milieustraat. De eerder gedeelde
cijfers zijn van 2025. Deze bedrijven betalen jaarlijks reinigingsrecht
om 1m3 tot maximaal 5m3 afval in te leveren. Wij verwachten niet
dat deze bedrijven alleen AEEA inleveren, maar dat zou dan
maximaal 20m3 AEEA bedrijfsafval per jaar zijn. In onze container
van 38m3 gaat gemiddeld 2,3ton. We nemen dan maximaal 1,2ton
AEEA uit bedrijfsafval in. Dit is een mix van gevaarlijk en
ongevaarlijk AEEA. Ook dit verklaart niet waarom de inname van
AEEA zo hoog is op de milieustraat in Volendam.
Vraag 16.
Indien een gedeelte van deze afvalstroom afkomstig is van
bedrijven: welke bedrijven betreft dit, welke hoeveelheden hebben
zij aangeboden en welke vergoedingen zijn hiervoor door de
gemeente ontvangen? Indien het college deze gegevens niet kan
verstrekken, kan het college toelichten waarom deze administratie
Pagina 7
17 september 2026 13:52
Pagina 7
ontbreekt?
Antwoord 16:
Zie antwoord 15.
Vraag 17.
Hoe is vastgesteld dat voor het AEEA in 2025 hoofdzakelijk
Euralcode 200135* is gebruikt, terwijl ODIJmond tijdens de controle
constateerde dat het ingenomen AEEA voornamelijk bestond uit
apparatuur zonder gevaarlijke onderdelen, waarvoor Euralcode
200136 van toepassing is?
Antwoord 17:
Tijdens de controle op 8 mei 2026 heeft de medewerker van OD
IJmond dat vastgesteld door in de container te kijken.
Vraag 18.
Sinds wanneer wordt volgens het college een onjuiste Euralcode
gebruikt?
Antwoord 18:
Per 1 januari 2025 is er vanuit de EU een andere Eural code
ingevoerd voor gevaarlijk en ongevaarlijk AEEA.
Vraag 19:
Heeft het college onderzocht of dit ook vóór 2025 heeft
plaatsgevonden? Zo nee, is het college bereid dit alsnog te
onderzoeken?
Antwoord 19:
Voor 2025 maakten wij gebruik van de juiste Eural code.
Vraag 20:
Heeft het onjuist registreren en/of mengen van deze afvalstromen
financiële gevolgen gehad voor de gemeente, bijvoorbeeld ten
aanzien van inzamel-, transport- of verwerkingstarieven,
vergoedingen of belastingen? Zo ja, kan het college deze financiële
gevolgen kwantificeren?
Antwoord 20:
Nee.
Vraag 21:
Het college heeft besloten per 1 oktober 2026 geen gevaarlijke
afvalstoffen van bedrijven meer in te nemen. Waarom wordt
hiermee gewacht tot 1 oktober 2026 en waarom wordt deze
activiteit niet direct beëindigd zolang niet aan alle registratie- en
meldingsverplichtingen kan worden voldaan?
Antwoord 21:
Wij willen de aangesloten bedrijven voldoende tijd geven om een
alternatief te zoeken voor hun bedrijfsafval. Daarnaast valt 1
oktober binnen de termijn die de omgevingsdienst gesteld heeft.
Vraag 22:
Uit de RIB blijkt dat voor het volledig administreren en wegen van
bedrijfsafval aanpassingen aan de milieustraat en extra personele
Pagina 7
ontbreekt?
Antwoord 16:
Zie antwoord 15.
Vraag 17.
Hoe is vastgesteld dat voor het AEEA in 2025 hoofdzakelijk
Euralcode 200135* is gebruikt, terwijl ODIJmond tijdens de controle
constateerde dat het ingenomen AEEA voornamelijk bestond uit
apparatuur zonder gevaarlijke onderdelen, waarvoor Euralcode
200136 van toepassing is?
Antwoord 17:
Tijdens de controle op 8 mei 2026 heeft de medewerker van OD
IJmond dat vastgesteld door in de container te kijken.
Vraag 18.
Sinds wanneer wordt volgens het college een onjuiste Euralcode
gebruikt?
Antwoord 18:
Per 1 januari 2025 is er vanuit de EU een andere Eural code
ingevoerd voor gevaarlijk en ongevaarlijk AEEA.
Vraag 19:
Heeft het college onderzocht of dit ook vóór 2025 heeft
plaatsgevonden? Zo nee, is het college bereid dit alsnog te
onderzoeken?
Antwoord 19:
Voor 2025 maakten wij gebruik van de juiste Eural code.
Vraag 20:
Heeft het onjuist registreren en/of mengen van deze afvalstromen
financiële gevolgen gehad voor de gemeente, bijvoorbeeld ten
aanzien van inzamel-, transport- of verwerkingstarieven,
vergoedingen of belastingen? Zo ja, kan het college deze financiële
gevolgen kwantificeren?
Antwoord 20:
Nee.
Vraag 21:
Het college heeft besloten per 1 oktober 2026 geen gevaarlijke
afvalstoffen van bedrijven meer in te nemen. Waarom wordt
hiermee gewacht tot 1 oktober 2026 en waarom wordt deze
activiteit niet direct beëindigd zolang niet aan alle registratie- en
meldingsverplichtingen kan worden voldaan?
Antwoord 21:
Wij willen de aangesloten bedrijven voldoende tijd geven om een
alternatief te zoeken voor hun bedrijfsafval. Daarnaast valt 1
oktober binnen de termijn die de omgevingsdienst gesteld heeft.
Vraag 22:
Uit de RIB blijkt dat voor het volledig administreren en wegen van
bedrijfsafval aanpassingen aan de milieustraat en extra personele
Pagina 8
17 september 2026 13:52
Pagina 8
capaciteit nodig zijn. Kan het college aangeven welke investeringen
hiervoor noodzakelijk zijn en welke structurele personeels- en
exploitatiekosten hiermee gemoeid zijn?
Antwoord 22:
N.a.v. de mondelinge zienswijze op 30 januari 2025 is er een RIB
verstuurd naar de raad. Daarin is het volgende opgenomen over
bedrijfsafval:
Innemen bedrijfsafval op milieustraat Volendam
Dit betreft ook de vervanging van de volledig afgeschreven
weegbrug. Daarnaast zal er gekeken moeten worden naar:
a. inrichting van de milieustraat;
b. eventuele tweede weegbrug;
c. administratieve impact;
d. impact aantal benodigde fte op de milieustraat.
De precieze kosten zijn sterk afhankelijk van de vorm waarin
bedrijfsafval precies ingenomen gaat worden.
Daarnaast is er in de themaraad van 24 november 2024 een
onderzoek van De Afval Spiegel besproken waarin meerdere
scenario's en bijbehorende kosten staan.
Vraag 23.
Kan het college, voordat de raad een besluit neemt over het al dan
niet blijven innemen van bedrijfsafval, een integrale financiële
vergelijking aan de raad verstrekken waarin ten minste de
inkomsten uit bedrijfsafval worden afgezet tegen personeelskosten,
administratie, vergunningverlening, toezicht, benodigde
investeringen, transport- en verwerkingskosten en overige
relevante kosten?
Antwoord 23:
Wanneer er door de raad een besluit genomen moet worden over
het al dan niet blijven innemen van bedrijfsafval, zal dit worden
toegelicht met een raadsvoorstel.
Vraag 24:
ODIJmond heeft meerdere veiligheidsgerelateerde overtredingen
geconstateerd, waaronder openstaande deuren van de KCA-opslag,
een te grote hoeveelheid brandbare vloeistoffen buiten een
daarvoor bestemde opslagvoorziening en tekortkomingen rond de
gasflessenopslag. Wanneer heeft voorafgaand aan 8 mei 2026 voor
het laatst een interne veiligheidscontrole op de milieustraat
plaatsgevonden en zijn daarbij vergelijkbare tekortkomingen
geconstateerd?
Antwoord 24:
Buiten de gasflessenopslag zijn het incidenten die normaliter wel
goed. De controle van OD IJmond heeft ons geleerd scherpen te zijn
op deze incidenten.
Vraag 25:
ODIJmond vermeldt tevens dat tijdens de controle liggende
gasflessen zijn aangetroffen en dat niet kon worden vastgesteld of
Pagina 8
capaciteit nodig zijn. Kan het college aangeven welke investeringen
hiervoor noodzakelijk zijn en welke structurele personeels- en
exploitatiekosten hiermee gemoeid zijn?
Antwoord 22:
N.a.v. de mondelinge zienswijze op 30 januari 2025 is er een RIB
verstuurd naar de raad. Daarin is het volgende opgenomen over
bedrijfsafval:
Innemen bedrijfsafval op milieustraat Volendam
Dit betreft ook de vervanging van de volledig afgeschreven
weegbrug. Daarnaast zal er gekeken moeten worden naar:
a. inrichting van de milieustraat;
b. eventuele tweede weegbrug;
c. administratieve impact;
d. impact aantal benodigde fte op de milieustraat.
De precieze kosten zijn sterk afhankelijk van de vorm waarin
bedrijfsafval precies ingenomen gaat worden.
Daarnaast is er in de themaraad van 24 november 2024 een
onderzoek van De Afval Spiegel besproken waarin meerdere
scenario's en bijbehorende kosten staan.
Vraag 23.
Kan het college, voordat de raad een besluit neemt over het al dan
niet blijven innemen van bedrijfsafval, een integrale financiële
vergelijking aan de raad verstrekken waarin ten minste de
inkomsten uit bedrijfsafval worden afgezet tegen personeelskosten,
administratie, vergunningverlening, toezicht, benodigde
investeringen, transport- en verwerkingskosten en overige
relevante kosten?
Antwoord 23:
Wanneer er door de raad een besluit genomen moet worden over
het al dan niet blijven innemen van bedrijfsafval, zal dit worden
toegelicht met een raadsvoorstel.
Vraag 24:
ODIJmond heeft meerdere veiligheidsgerelateerde overtredingen
geconstateerd, waaronder openstaande deuren van de KCA-opslag,
een te grote hoeveelheid brandbare vloeistoffen buiten een
daarvoor bestemde opslagvoorziening en tekortkomingen rond de
gasflessenopslag. Wanneer heeft voorafgaand aan 8 mei 2026 voor
het laatst een interne veiligheidscontrole op de milieustraat
plaatsgevonden en zijn daarbij vergelijkbare tekortkomingen
geconstateerd?
Antwoord 24:
Buiten de gasflessenopslag zijn het incidenten die normaliter wel
goed. De controle van OD IJmond heeft ons geleerd scherpen te zijn
op deze incidenten.
Vraag 25:
ODIJmond vermeldt tevens dat tijdens de controle liggende
gasflessen zijn aangetroffen en dat niet kon worden vastgesteld of
Pagina 9
17 september 2026 13:52
Pagina 9
deze leeg waren. Waarom wordt deze constatering niet afzonderlijk
genoemd in de raadsinformatiebrief en welke actie is hierop
ondernomen?
Antwoord 25:
De kast met gasflessen is aangepast waardoor de grotere gasflessen
ook rechtop kunnen staan.
Vraag 26:
ODIJmond heeft een kopie van haar waarschuwingsbrief verzonden
aan de politie en de boa-coördinator en vermeldt expliciet dat
strafrechtelijk optreden mogelijk blijft. Waarom is deze informatie
niet opgenomen in de raadsinformatiebrief?
Antwoord 26:
Deze procedure is standaard vanuit de omgevingsdienst. Daarnaast
is deze informatie in meegestuurde brief te vinden.
Vraag 27:
Is het college inmiddels bekend of politie, boa’s of andere
toezichthoudende instanties naar aanleiding van deze
constateringen een strafrechtelijk of aanvullend bestuursrechtelijk
onderzoek zijn gestart of overwegen? Zo ja, wat is daarvan de
actuele stand van zaken?
Antwoord 27:
Nee.
Vraag 28:
Aan de verschillende aangekondigde lasten onder dwangsom zijn
bedragen verbonden die gezamenlijk oplopen tot €33.250. Waarom
is dit totale financiële risico niet expliciet vermeld in de
raadsinformatiebrief?
Antwoord 28:
Na de genomen maatregelen verwachten wij dat bijna alle
overtreding opgelost zijn. Daarnaast gaat de termijn waarbinnen wij
de overtredingen moeten oplossen lopen na een volgende controle.
Pas daarna kan er een dwangsom opgelegd worden.
Vraag 29:
Bestaat naast deze mogelijke dwangsom nog een ander financieel
risico voor de gemeente als gevolg van de geconstateerde
overtredingen, bijvoorbeeld door aanvullende maatregelen,
investeringen, onderzoek, vergunningverlening, verwerking van
afvalstromen of eventuele sancties? Zo ja, kan het college hiervan
een eerste raming geven?
Antwoord 29:
Nee, op dit moment zien wij geen ander financieel risico.
Vraag 30:
De brief van Omgevingsdienst IJmond dateert van 20 juli 2026 en de
raadsinformatiebrief van het college van 30 juli 2026. De
gemeenteraad heeft de RIB met bijlagen echter pas op 13 augustus
2026 ontvangen. Wat is de reden dat een op 30 juli gedateerde
Pagina 9
deze leeg waren. Waarom wordt deze constatering niet afzonderlijk
genoemd in de raadsinformatiebrief en welke actie is hierop
ondernomen?
Antwoord 25:
De kast met gasflessen is aangepast waardoor de grotere gasflessen
ook rechtop kunnen staan.
Vraag 26:
ODIJmond heeft een kopie van haar waarschuwingsbrief verzonden
aan de politie en de boa-coördinator en vermeldt expliciet dat
strafrechtelijk optreden mogelijk blijft. Waarom is deze informatie
niet opgenomen in de raadsinformatiebrief?
Antwoord 26:
Deze procedure is standaard vanuit de omgevingsdienst. Daarnaast
is deze informatie in meegestuurde brief te vinden.
Vraag 27:
Is het college inmiddels bekend of politie, boa’s of andere
toezichthoudende instanties naar aanleiding van deze
constateringen een strafrechtelijk of aanvullend bestuursrechtelijk
onderzoek zijn gestart of overwegen? Zo ja, wat is daarvan de
actuele stand van zaken?
Antwoord 27:
Nee.
Vraag 28:
Aan de verschillende aangekondigde lasten onder dwangsom zijn
bedragen verbonden die gezamenlijk oplopen tot €33.250. Waarom
is dit totale financiële risico niet expliciet vermeld in de
raadsinformatiebrief?
Antwoord 28:
Na de genomen maatregelen verwachten wij dat bijna alle
overtreding opgelost zijn. Daarnaast gaat de termijn waarbinnen wij
de overtredingen moeten oplossen lopen na een volgende controle.
Pas daarna kan er een dwangsom opgelegd worden.
Vraag 29:
Bestaat naast deze mogelijke dwangsom nog een ander financieel
risico voor de gemeente als gevolg van de geconstateerde
overtredingen, bijvoorbeeld door aanvullende maatregelen,
investeringen, onderzoek, vergunningverlening, verwerking van
afvalstromen of eventuele sancties? Zo ja, kan het college hiervan
een eerste raming geven?
Antwoord 29:
Nee, op dit moment zien wij geen ander financieel risico.
Vraag 30:
De brief van Omgevingsdienst IJmond dateert van 20 juli 2026 en de
raadsinformatiebrief van het college van 30 juli 2026. De
gemeenteraad heeft de RIB met bijlagen echter pas op 13 augustus
2026 ontvangen. Wat is de reden dat een op 30 juli gedateerde
Pagina 10
17 september 2026 13:52
Pagina 10
raadsinformatiebrief pas twee weken later aan de raad beschikbaar
is gesteld?
Antwoord 30:
Dat heeft te maken met het intern te volgen proces.
Vraag 31:
Op welke datum is de RIB bestuurlijk vastgesteld, op welke datum is
deze intern gereedgemaakt voor verzending/publicatie en op welke
datum is opdracht gegeven de RIB aan de gemeenteraad
beschikbaar te stellen?
Antwoord 31:
Op 11 augustus heeft het college de RIB vastgesteld, 12 augustus is
de RIB gereed gemaakt voor publicatie en op 13 augustus heeft de
raad de RIB ontvangen.
Vraag 32:
Acht het college een termijn van veertien dagen tussen de datering
van een RIB en de feitelijke informatieverstrekking aan de
gemeenteraad wenselijk, in het bijzonder bij een dossier waarin
sprake is van meerdere wettelijke overtredingen, een voorgenomen
last onder dwangsom en mogelijk strafrechtelijk optreden?
Antwoord 32:
Ja, het college acht die termijn verdedigbaar. De raad is
geïnformeerd over de belangrijkste feiten, de zienswijze en de
voorgenomen maatregelen binnen een korte periode na de brief
van Omgevingsdienst IJmond.
Vraag 33:
Deelt het college de opvatting dat de gemeenteraad in een
dergelijke situatie niet alleen geïnformeerd dient te worden over de
inmiddels getroffen herstelmaatregelen, maar ook volledig over de
aard en ernst van de oorspronkelijke constateringen, de financiële
risico’s, het ontbreken van bepaalde administratieve gegevens en
eventuele bestuurs- en strafrechtelijke consequenties?
Antwoord 33:
De gemeenteraad moet tijdig kunnen beschikken over de relevante
feiten, de te nemen maatregelen en de mogelijke consequenties
van handhaving en strafrechtelijke handhaving. De
raadsinformatiebrief is juist opgesteld om die informatie te delen.
Vraag 34:
Is het college bereid de gemeenteraad na de eerstvolgende
hercontrole van Omgevingsdienst IJmond onmiddellijk te
informeren over de uitkomst daarvan en daarbij de volledige
controlebrief en eventuele verdere handhavingsbesluiten aan de
raad beschikbaar te stellen?
Antwoord 34:
Als er grote besluiten, zoals het stoppen met gevaarlijk
bedrijfsafval, genomen moeten worden of als er dwangsommen
opgelegd dreigen te worden. Dan zal het college de raad wederom
informeren.
Pagina 10
raadsinformatiebrief pas twee weken later aan de raad beschikbaar
is gesteld?
Antwoord 30:
Dat heeft te maken met het intern te volgen proces.
Vraag 31:
Op welke datum is de RIB bestuurlijk vastgesteld, op welke datum is
deze intern gereedgemaakt voor verzending/publicatie en op welke
datum is opdracht gegeven de RIB aan de gemeenteraad
beschikbaar te stellen?
Antwoord 31:
Op 11 augustus heeft het college de RIB vastgesteld, 12 augustus is
de RIB gereed gemaakt voor publicatie en op 13 augustus heeft de
raad de RIB ontvangen.
Vraag 32:
Acht het college een termijn van veertien dagen tussen de datering
van een RIB en de feitelijke informatieverstrekking aan de
gemeenteraad wenselijk, in het bijzonder bij een dossier waarin
sprake is van meerdere wettelijke overtredingen, een voorgenomen
last onder dwangsom en mogelijk strafrechtelijk optreden?
Antwoord 32:
Ja, het college acht die termijn verdedigbaar. De raad is
geïnformeerd over de belangrijkste feiten, de zienswijze en de
voorgenomen maatregelen binnen een korte periode na de brief
van Omgevingsdienst IJmond.
Vraag 33:
Deelt het college de opvatting dat de gemeenteraad in een
dergelijke situatie niet alleen geïnformeerd dient te worden over de
inmiddels getroffen herstelmaatregelen, maar ook volledig over de
aard en ernst van de oorspronkelijke constateringen, de financiële
risico’s, het ontbreken van bepaalde administratieve gegevens en
eventuele bestuurs- en strafrechtelijke consequenties?
Antwoord 33:
De gemeenteraad moet tijdig kunnen beschikken over de relevante
feiten, de te nemen maatregelen en de mogelijke consequenties
van handhaving en strafrechtelijke handhaving. De
raadsinformatiebrief is juist opgesteld om die informatie te delen.
Vraag 34:
Is het college bereid de gemeenteraad na de eerstvolgende
hercontrole van Omgevingsdienst IJmond onmiddellijk te
informeren over de uitkomst daarvan en daarbij de volledige
controlebrief en eventuele verdere handhavingsbesluiten aan de
raad beschikbaar te stellen?
Antwoord 34:
Als er grote besluiten, zoals het stoppen met gevaarlijk
bedrijfsafval, genomen moeten worden of als er dwangsommen
opgelegd dreigen te worden. Dan zal het college de raad wederom
informeren.
Pagina 11
17 september 2026 13:52
Pagina 11
Bijlage(s) Bijlage 2 - Zienswijze aan ODIJmond n.a.v. controle milieustraat
Volendam
Bijlage 1 - Brief ODIJmond over last onder dwangsom milieustraat
Volendam na controle
RIB Getroffen maatregelen n.a.v. controle Omgevingsdienst IJmond
Pagina 11
Bijlage(s) Bijlage 2 - Zienswijze aan ODIJmond n.a.v. controle milieustraat
Volendam
Bijlage 1 - Brief ODIJmond over last onder dwangsom milieustraat
Volendam na controle
RIB Getroffen maatregelen n.a.v. controle Omgevingsdienst IJmond
Openbaar document
Bijlage 1 - Brief ODIJmond over last onder dwangsom milieustraat Volendam na controle
Pagina 1
BEZOEKADRES Stationsplein 48b, 1948 LC Beverwijk 0251-263 863
BEZOEKADRES Koetserstraat 2A, 1531 NX Wormer info@odijmond.nl
POSTADRES Postbus 325, 1940 AH Beverwijk KvK 51365901 www.odijmond.nl
1/6
Milieustraat Edam-Volendam
De heer M. Wardenaar
Julianaweg 137
1131 DH VOLENDAM
Verzenddatum 20 juli 2026 Contactpersoon De heer D. Grooteman
Ons kenmerk DYGR/MIJA/ODIJ-Z-26-179911 E-mailadres dgrooteman@odijmond.nl
Telefoonnummer 06-49 87 97 99
Onderwerp Voornemen last onder dwangsom en vordering gegevens, milieustraat Edam-Volendam,
Julianaweg 135 in Volendam
Kopie aan Intern: m.wardenaar@edam-volendam.nl, J.spaan@edam-volendam.nl, gemeente
Volendam via email
Extern: Politie, provincie-noord-holland-milieu-brieven@politie.nl
Omgevingsdienst IJmond: Boa-coördinator, Accountmanager ODIJ
Bijlage Stroomschema melden LMA
Geachte heer Wardenaar,
Op 8 mei 2026 controleerden onze toezichthouders de activiteiten van de milieustraat Edam-
Volendam (hierna milieustraat) op naleving van de Omgevingswet. Tijdens deze controle zijn
overtredingen geconstateerd.
Wij zijn van plan de milieustraat een last onder dwangsom op te leggen
Het is belangrijk dat de overtredingen worden beëindigd. Daarom zijn wij van plan de milieustraat
een last onder dwangsom op te leggen. De last houdt in dat de milieustraat de overtredingen op de
voorgeschreven wijze en binnen een bepaalde termijn moet beëindigen en beëindigd houden.
Beëindig de overtredingen binnen twaalf weken na verzenddatum van deze
brief
Hieronder wordt beschreven wat wij constateerden. En welke acties uw bedrijf moet nemen om te
voorkomen dat wij een last onder dwangsom opleggen.
Overtreding 1: In werking zijn zonder omgevingsvergunning
Tijdens de controle hebben wij geconstateerd dat u activiteiten uitvoert waarvoor u geen
omgevingsvergunning milieu heeft. Het gaat om de activiteiten:
• Het mengen van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) overeenkomstig
artikel 3.39 van het besluit activiteiten leefomgeving. Hiermee doelen wij op het mengen van
AEEA met euralcode 200135* (AEEA dat gevaarlijke onderdelen bevat) met AEEA met
euralcode 200136 (AEEA dat geen gevaarlijke onderdelen bevat).
BEZOEKADRES Koetserstraat 2A, 1531 NX Wormer info@odijmond.nl
POSTADRES Postbus 325, 1940 AH Beverwijk KvK 51365901 www.odijmond.nl
1/6
Milieustraat Edam-Volendam
De heer M. Wardenaar
Julianaweg 137
1131 DH VOLENDAM
Verzenddatum 20 juli 2026 Contactpersoon De heer D. Grooteman
Ons kenmerk DYGR/MIJA/ODIJ-Z-26-179911 E-mailadres dgrooteman@odijmond.nl
Telefoonnummer 06-49 87 97 99
Onderwerp Voornemen last onder dwangsom en vordering gegevens, milieustraat Edam-Volendam,
Julianaweg 135 in Volendam
Kopie aan Intern: m.wardenaar@edam-volendam.nl, J.spaan@edam-volendam.nl, gemeente
Volendam via email
Extern: Politie, provincie-noord-holland-milieu-brieven@politie.nl
Omgevingsdienst IJmond: Boa-coördinator, Accountmanager ODIJ
Bijlage Stroomschema melden LMA
Geachte heer Wardenaar,
Op 8 mei 2026 controleerden onze toezichthouders de activiteiten van de milieustraat Edam-
Volendam (hierna milieustraat) op naleving van de Omgevingswet. Tijdens deze controle zijn
overtredingen geconstateerd.
Wij zijn van plan de milieustraat een last onder dwangsom op te leggen
Het is belangrijk dat de overtredingen worden beëindigd. Daarom zijn wij van plan de milieustraat
een last onder dwangsom op te leggen. De last houdt in dat de milieustraat de overtredingen op de
voorgeschreven wijze en binnen een bepaalde termijn moet beëindigen en beëindigd houden.
Beëindig de overtredingen binnen twaalf weken na verzenddatum van deze
brief
Hieronder wordt beschreven wat wij constateerden. En welke acties uw bedrijf moet nemen om te
voorkomen dat wij een last onder dwangsom opleggen.
Overtreding 1: In werking zijn zonder omgevingsvergunning
Tijdens de controle hebben wij geconstateerd dat u activiteiten uitvoert waarvoor u geen
omgevingsvergunning milieu heeft. Het gaat om de activiteiten:
• Het mengen van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) overeenkomstig
artikel 3.39 van het besluit activiteiten leefomgeving. Hiermee doelen wij op het mengen van
AEEA met euralcode 200135* (AEEA dat gevaarlijke onderdelen bevat) met AEEA met
euralcode 200136 (AEEA dat geen gevaarlijke onderdelen bevat).
Pagina 2
2/6
• Het innemen en opslaan van bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke afvalstoffen overeenkomstig
artikel 3.185 van het Besluit activiteiten leefomgeving.
De milieustraat overtreedt artikel 5.1 tweede lid van de Omgevingswet.
Beëindig de overtreding door deze activiteiten te staken/stoppen. U kunt ook een ontvankelijke
aanvraag voor een omgevingsvergunning milieu indienen. U heeft in het verleden een aanvraag
ingediend. Onze afdeling vergunningverlening heeft hierover contact met u opgenomen. Momenteel
is onvoldoende informatie overlegd. Afdeling vergunningverlening heeft u hiervan op de hoogte
gebracht. Er is daardoor momenteel geen zicht op legalisatie. U dient dus de activiteiten te
staken/stoppen of een nieuwe ontvankelijke aanvraag in te dienen/extra informatie aan te leveren
voor 10 augustus 2026.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 10.000, - (zegge tienduizend euro) ineens.
Overtredingen 2: melden Landelijk Meldpunt Afvalstoffen (LMA)
Tijdens de controle hebben wij geconstateerd dat de milieustraat bedrijfsafvalstoffen inneemt.
Tijdens de controle heeft u ook bevestigd dat de milieustraat al geruime tijd bedrijfsafvalstoffen
inneemt. U heeft contracten met verschillende bedrijven aan ons laten zien. U gaf aan onvoldoende
beeld te hebben van wat de bedrijven voor afvalstoffen aanleveren. Gezien de bedrijven die
afvalstoffen bij u brengen is het aannemelijk dat deze bedrijven ook gevaarlijke afvalstoffen bij de
milieustraat afgeven. Dit betekent dat de milieustraat LMA-meldingsplichtig is geworden en
daardoor alle ontvangen bedrijfsafvalstoffen moet melden aan het LMA.
De milieustraat overtreed artikel 10.40 eerste lid van de Wet milieubeheer.
Beëindig de overtreding door een verwerkersnummer aan te vragen bij het LMA en de afvalstoffen
van bedrijven te melden bij het LMA of door te stoppen met het innemen van gevaarlijke
afvalstoffen afkomstig van bedrijven.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 10.000, - (zegge tienduizend euro) ineens.
Overtreding 3: Niet voldoen aan eigen acceptatie- en verwerkingsbeleid.
Tijdens de controle is geconstateerd dat de milieustraat niet voldoet aan haar eigen acceptatie- en
verwerkingsbeleid. Hiermee doelen wij op het feit dat het innemen van bedrijfsafval niet wordt
ontmoedigd. Dit staat wel zo beschreven in het acceptatie- en verwerkingsbeleid. Ook heeft de
milieustraat geen idee welke afvalstoffen de bedrijven precies komen brengen, wordt de procedure
niet benoemd hoe om te gaan met bedrijfsafvalstoffen en worden er meerdere euralcodes
ingenomen die niet zijn vermeld in het acceptatie beleid.
• Het innemen en opslaan van bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke afvalstoffen overeenkomstig
artikel 3.185 van het Besluit activiteiten leefomgeving.
De milieustraat overtreedt artikel 5.1 tweede lid van de Omgevingswet.
Beëindig de overtreding door deze activiteiten te staken/stoppen. U kunt ook een ontvankelijke
aanvraag voor een omgevingsvergunning milieu indienen. U heeft in het verleden een aanvraag
ingediend. Onze afdeling vergunningverlening heeft hierover contact met u opgenomen. Momenteel
is onvoldoende informatie overlegd. Afdeling vergunningverlening heeft u hiervan op de hoogte
gebracht. Er is daardoor momenteel geen zicht op legalisatie. U dient dus de activiteiten te
staken/stoppen of een nieuwe ontvankelijke aanvraag in te dienen/extra informatie aan te leveren
voor 10 augustus 2026.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 10.000, - (zegge tienduizend euro) ineens.
Overtredingen 2: melden Landelijk Meldpunt Afvalstoffen (LMA)
Tijdens de controle hebben wij geconstateerd dat de milieustraat bedrijfsafvalstoffen inneemt.
Tijdens de controle heeft u ook bevestigd dat de milieustraat al geruime tijd bedrijfsafvalstoffen
inneemt. U heeft contracten met verschillende bedrijven aan ons laten zien. U gaf aan onvoldoende
beeld te hebben van wat de bedrijven voor afvalstoffen aanleveren. Gezien de bedrijven die
afvalstoffen bij u brengen is het aannemelijk dat deze bedrijven ook gevaarlijke afvalstoffen bij de
milieustraat afgeven. Dit betekent dat de milieustraat LMA-meldingsplichtig is geworden en
daardoor alle ontvangen bedrijfsafvalstoffen moet melden aan het LMA.
De milieustraat overtreed artikel 10.40 eerste lid van de Wet milieubeheer.
Beëindig de overtreding door een verwerkersnummer aan te vragen bij het LMA en de afvalstoffen
van bedrijven te melden bij het LMA of door te stoppen met het innemen van gevaarlijke
afvalstoffen afkomstig van bedrijven.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 10.000, - (zegge tienduizend euro) ineens.
Overtreding 3: Niet voldoen aan eigen acceptatie- en verwerkingsbeleid.
Tijdens de controle is geconstateerd dat de milieustraat niet voldoet aan haar eigen acceptatie- en
verwerkingsbeleid. Hiermee doelen wij op het feit dat het innemen van bedrijfsafval niet wordt
ontmoedigd. Dit staat wel zo beschreven in het acceptatie- en verwerkingsbeleid. Ook heeft de
milieustraat geen idee welke afvalstoffen de bedrijven precies komen brengen, wordt de procedure
niet benoemd hoe om te gaan met bedrijfsafvalstoffen en worden er meerdere euralcodes
ingenomen die niet zijn vermeld in het acceptatie beleid.
Pagina 3
3/6
Een voorbeeld hiervan is afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) dat gevaarlijke
onderdelen bevat, euralcode 200135*.
De milieustraat overtreedt artikel 4.620 van het besluit activiteiten leefomgeving.
Beëindig de overtreding door een nieuw acceptatie- en verwerkingsbeleid op te stellen waarin de
procedures met betrekking tot het accepteren van bedrijfsafvalstoffen staat uitgewerkt. Ook dient
de lijst met euralcodes te worden aangevuld zodat alle ingenomen euralcodes ook naar voren
komen in het acceptatie- en verwerkingsbeleid. U dient dit beleid, voordat deze definitief wordt,
eerst ter beoordeling te overleggen aan Omgevingsdienst IJmond.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 5.000, - (zegge vijfduizend euro) ineens.
Overtreding 4a: Afgifte afvalstoffen - Wet milieubeheer
Tijdens de controle hebben wij geconstateerd dat er geen bewijs van afgifte was van het
metaalafval.
De milieustraat overtreedt artikel 10.38 eerste lid van de Wet milieubeheer.
Beëindig de overtreding door al het afval af te geven aan een erkend inzamelaar en de registratie
hiervan te bewaren. Deze registratie dient vijf jaar bewaart te worden en te kunnen worden
overlegd tijdens een controle.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 2.000, - (zegge tweeduizend euro) ineens.
Overtreding 4b: Onjuist melden afvalstoffen - Wet milieubeheer
Wij hebben in het LMA geconstateerd dat er in 2025 244.860 kilogram AEEA dat gevaarlijke
onderdelen bevat is afgevoerd naar een eindverwerker. Tijdens de controle hebben wij
geconstateerd dat het ingenomen AEEA voornamelijk AEEA zonder gevaarlijke onderdelen betreft.
Dit AEEA moet worden afgevoerd onder euralcode 200136 en niet onder euralcode 200135*. Ook
dienen deze twee afvalstromen van elkaar gescheiden te blijven, zie overtreding 1.
De milieustraat overtreedt artikel 10.39 eerste lid van de Wet milieubeheer.
Beëindig de overtreding door AEEA met euralcode 200135* en 200136 van elkaar te scheiden en
gescheiden te houden zodat deze als twee aparte afvalstromen kunnen worden afgevoerd.
Een voorbeeld hiervan is afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) dat gevaarlijke
onderdelen bevat, euralcode 200135*.
De milieustraat overtreedt artikel 4.620 van het besluit activiteiten leefomgeving.
Beëindig de overtreding door een nieuw acceptatie- en verwerkingsbeleid op te stellen waarin de
procedures met betrekking tot het accepteren van bedrijfsafvalstoffen staat uitgewerkt. Ook dient
de lijst met euralcodes te worden aangevuld zodat alle ingenomen euralcodes ook naar voren
komen in het acceptatie- en verwerkingsbeleid. U dient dit beleid, voordat deze definitief wordt,
eerst ter beoordeling te overleggen aan Omgevingsdienst IJmond.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 5.000, - (zegge vijfduizend euro) ineens.
Overtreding 4a: Afgifte afvalstoffen - Wet milieubeheer
Tijdens de controle hebben wij geconstateerd dat er geen bewijs van afgifte was van het
metaalafval.
De milieustraat overtreedt artikel 10.38 eerste lid van de Wet milieubeheer.
Beëindig de overtreding door al het afval af te geven aan een erkend inzamelaar en de registratie
hiervan te bewaren. Deze registratie dient vijf jaar bewaart te worden en te kunnen worden
overlegd tijdens een controle.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 2.000, - (zegge tweeduizend euro) ineens.
Overtreding 4b: Onjuist melden afvalstoffen - Wet milieubeheer
Wij hebben in het LMA geconstateerd dat er in 2025 244.860 kilogram AEEA dat gevaarlijke
onderdelen bevat is afgevoerd naar een eindverwerker. Tijdens de controle hebben wij
geconstateerd dat het ingenomen AEEA voornamelijk AEEA zonder gevaarlijke onderdelen betreft.
Dit AEEA moet worden afgevoerd onder euralcode 200136 en niet onder euralcode 200135*. Ook
dienen deze twee afvalstromen van elkaar gescheiden te blijven, zie overtreding 1.
De milieustraat overtreedt artikel 10.39 eerste lid van de Wet milieubeheer.
Beëindig de overtreding door AEEA met euralcode 200135* en 200136 van elkaar te scheiden en
gescheiden te houden zodat deze als twee aparte afvalstromen kunnen worden afgevoerd.
Pagina 4
4/6
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 2.000, - (zegge tweeduizend euro) ineens.
Bovenstaand betekent een inname van bijna 800 kilogram AEEA per dag. Dit is dermate veel dat
wij vermoeden dat dit niet alleen van particulieren afkomstig is. Graag zien wij een verklaring met
bewijs tegemoet waarin u de herkomst van deze afvalstof aantoont.
Overtreding 5: Deuren in geopende stand vastgezet in de KCA-opslag
Tijdens de controle hebben wij geconstateerd dat alle inpandige deuren in de KCA-opslag in
geopende stand waren vastgezet. Bij een brand vallen deze deuren niet automatisch dicht
waardoor de brand van de ene naar de andere opslagvoorziening kan overslaan.
De milieustraat overtreedt artikel 4.1012 eerste lid van het Besluit activiteiten leefomgeving in
samenhang met de voorschriften 3.2.10 en 3.2.6 van de PGS15:2021.
Beëindig de overtreding door de deuren te sluiten en deze in de toekomst niet meer in geopende
stand vast te zetten.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 2.000, - (zegge tweeduizend euro) ineens.
Tijdens de controle werd ons niet duidelijk of de gehele KCA-opslag 60 minuten brandwerend is.
Graag zien wij informatie tegemoet waaruit blijkt dat deze 60 minuten brandwerend is.
Overtreding 6: Te grote opslag ADR 3 buiten opslagvoorziening
Tijdens de controle hebben wij in de loods waar voertuigen van de buitendienst staan opgeslagen
een ADR 3 VPII stof geconstateerd. Er stond meer dan 25 liter in deze loods opgeslagen. Wij
beschouwen deze voorraad niet als werkvoorraad.
De milieustraat overtreedt artikel 4.1012 eerste lid van het Besluit activiteiten leefomgeving in
samenhang met voorschrift 3.1.1 van de PGS15:2021.
Beëindig de overtreding door deze stof op te slaan in een brandveiligheidsvoorziening
overeenkomstig de PGS15:2021 of de voorraad te verminderen tot onder de 25 liter.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 2.000, - (zegge tweeduizend euro) ineens.
Overtreding 7a: Gasflessenopslag – PGS 15
Tijdens de controle is geconstateerd dat er een brandbaar object binnen vijf meter van de
gasflessenopslag aanwezig was. Hiermee doelen wij op een geparkeerde vrachtwagen.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 2.000, - (zegge tweeduizend euro) ineens.
Bovenstaand betekent een inname van bijna 800 kilogram AEEA per dag. Dit is dermate veel dat
wij vermoeden dat dit niet alleen van particulieren afkomstig is. Graag zien wij een verklaring met
bewijs tegemoet waarin u de herkomst van deze afvalstof aantoont.
Overtreding 5: Deuren in geopende stand vastgezet in de KCA-opslag
Tijdens de controle hebben wij geconstateerd dat alle inpandige deuren in de KCA-opslag in
geopende stand waren vastgezet. Bij een brand vallen deze deuren niet automatisch dicht
waardoor de brand van de ene naar de andere opslagvoorziening kan overslaan.
De milieustraat overtreedt artikel 4.1012 eerste lid van het Besluit activiteiten leefomgeving in
samenhang met de voorschriften 3.2.10 en 3.2.6 van de PGS15:2021.
Beëindig de overtreding door de deuren te sluiten en deze in de toekomst niet meer in geopende
stand vast te zetten.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 2.000, - (zegge tweeduizend euro) ineens.
Tijdens de controle werd ons niet duidelijk of de gehele KCA-opslag 60 minuten brandwerend is.
Graag zien wij informatie tegemoet waaruit blijkt dat deze 60 minuten brandwerend is.
Overtreding 6: Te grote opslag ADR 3 buiten opslagvoorziening
Tijdens de controle hebben wij in de loods waar voertuigen van de buitendienst staan opgeslagen
een ADR 3 VPII stof geconstateerd. Er stond meer dan 25 liter in deze loods opgeslagen. Wij
beschouwen deze voorraad niet als werkvoorraad.
De milieustraat overtreedt artikel 4.1012 eerste lid van het Besluit activiteiten leefomgeving in
samenhang met voorschrift 3.1.1 van de PGS15:2021.
Beëindig de overtreding door deze stof op te slaan in een brandveiligheidsvoorziening
overeenkomstig de PGS15:2021 of de voorraad te verminderen tot onder de 25 liter.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 2.000, - (zegge tweeduizend euro) ineens.
Overtreding 7a: Gasflessenopslag – PGS 15
Tijdens de controle is geconstateerd dat er een brandbaar object binnen vijf meter van de
gasflessenopslag aanwezig was. Hiermee doelen wij op een geparkeerde vrachtwagen.
Pagina 5
5/6
De gasflessenopslag is niet brandwerend uitgevoerd. Hiermee wordt niet voldaan aan de
veiligheidsafstanden.
De milieustraat overtreedt artikel 4.1012 eerste lid van het Besluit activiteiten leefomgeving in
samenhang met voorschrift 6.2.6 van de PGS15:2021.
Beëindig de overtreding door de gasflessenopslag brandwerend uit te voeren overeenkomstig de
PGS15:2021 of door de gasflessenopslag op voldoende afstand van brandbare objecten en de
erfgrens te plaatsen.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 2.000, - (zegge tweeduizend euro) ineens.
Let op: Tijdens de controle hebben wij liggende gasflessen geconstateerd in de opslag. Het is
verboden gasflessen die zijn gevuld met een giftig of brandbaar gas dat tot vloeistof is verdicht
of in vloeistof is opgelost, in liggende toestand op te slaan (voorschrift 6.2.12 PGS15:2021). Wij
hebben niet kunnen constateren of deze gasflessen leeg waren. Lege gasflessen met een giftige of
brandbare inhoud mogen wel liggend worden opgeslagen.
Overtreding 7b: Gasflessenopslag – PGS 15
Tijdens de controle is geconstateerd dat er vanaf de aanlooproutes geen waarneembare signalering
aanwezig is dat de gevaareigenschappen van de opgeslagen gassen aangeeft.
De milieustraat overtreedt artikel 4.1012 eerste lid van het Besluit activiteiten leefomgeving in
samenhang met voorschrift 6.2.14 van de PGS15:2021.
Beëindig de overtreding door er vanaf de aanlooproutes waarneembare signalering op te hangen
dat de gevaareigenschappen van de opgeslagen gassen aangeeft
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 250, - (zegge tweehonderdvijftig euro) ineens.
Na het aflopen van de termijn controleert onze toezichthouder of u voldoet aan de
milieuregelgeving.
Daarnaast vorderen wij de volgende gegevens
Wij missen nog enkele gegevens. Op grond van artikel 5:16 en 5:17 eerste lid van de Algemene
wet bestuursrecht vorderen wij hierbij:
• Een actueel overzicht van de bedrijven die afvalstoffen komen brengen;
• Een overzicht van de aard en hoeveelheid van de afvalstoffen die de verschillende
bedrijven komen brengen;
De gasflessenopslag is niet brandwerend uitgevoerd. Hiermee wordt niet voldaan aan de
veiligheidsafstanden.
De milieustraat overtreedt artikel 4.1012 eerste lid van het Besluit activiteiten leefomgeving in
samenhang met voorschrift 6.2.6 van de PGS15:2021.
Beëindig de overtreding door de gasflessenopslag brandwerend uit te voeren overeenkomstig de
PGS15:2021 of door de gasflessenopslag op voldoende afstand van brandbare objecten en de
erfgrens te plaatsen.
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 2.000, - (zegge tweeduizend euro) ineens.
Let op: Tijdens de controle hebben wij liggende gasflessen geconstateerd in de opslag. Het is
verboden gasflessen die zijn gevuld met een giftig of brandbaar gas dat tot vloeistof is verdicht
of in vloeistof is opgelost, in liggende toestand op te slaan (voorschrift 6.2.12 PGS15:2021). Wij
hebben niet kunnen constateren of deze gasflessen leeg waren. Lege gasflessen met een giftige of
brandbare inhoud mogen wel liggend worden opgeslagen.
Overtreding 7b: Gasflessenopslag – PGS 15
Tijdens de controle is geconstateerd dat er vanaf de aanlooproutes geen waarneembare signalering
aanwezig is dat de gevaareigenschappen van de opgeslagen gassen aangeeft.
De milieustraat overtreedt artikel 4.1012 eerste lid van het Besluit activiteiten leefomgeving in
samenhang met voorschrift 6.2.14 van de PGS15:2021.
Beëindig de overtreding door er vanaf de aanlooproutes waarneembare signalering op te hangen
dat de gevaareigenschappen van de opgeslagen gassen aangeeft
Beëindigt de milieustraat de overtreding niet op tijd? Dan zijn wij van plan de milieustraat een last
op te leggen om de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Daaraan wordt een
dwangsom gekoppeld van € 250, - (zegge tweehonderdvijftig euro) ineens.
Na het aflopen van de termijn controleert onze toezichthouder of u voldoet aan de
milieuregelgeving.
Daarnaast vorderen wij de volgende gegevens
Wij missen nog enkele gegevens. Op grond van artikel 5:16 en 5:17 eerste lid van de Algemene
wet bestuursrecht vorderen wij hierbij:
• Een actueel overzicht van de bedrijven die afvalstoffen komen brengen;
• Een overzicht van de aard en hoeveelheid van de afvalstoffen die de verschillende
bedrijven komen brengen;
Pagina 6
6/6
• Documenten waaruit blijkt dat de KCA-opslag voldoet aan 60 minuten brandwerendheid;
• Een verklaring met bewijs waarin u de herkomst van het ingezamelde AEEA aantoont.
Komt dit van particulieren of bedrijven, of komt dit van beide binnen?
Stuur ons de gegevens binnen vier weken na verzenddatum van deze brief via bovenstaand e-
mailadres. De milieustraat is volgens artikel 5:20 eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht
verplicht om mee te werken.
Zienswijze
Wij geven de milieustraat de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen over ons voornemen tot
het opleggen van deze dwangsom. De milieustraat kan de reactie, bij voorkeur schriftelijk, geven
binnen vier weken na verzenddatum van deze brief. Voor een mondelinge reactie kunt u contact
opnemen met de contactpersoon bovenaan de brief. Een schriftelijke reactie kan via het
bovengenoemde e-mailadres.
Mogelijk strafrechtelijk opgetreden
Wij sluiten aan bij de Landelijke Handhavingsstrategie. Een kopie van deze waarschuwingsbrief is
verzonden aan Politie, Eenheid Noord-Holland, Team Milieu en de boa-coördinator van
Omgevingsdienst IJmond. Politie en boa’s hebben de bevoegdheid om alsnog strafrechtelijk op te
treden. Dit leidt meestal tot het opleggen van een boete.
Afgedankte Lithium Ion batterijen
Tijdens de controle hebben wij enkele Lithium Ion batterijen geconstateerd in de KCA-opslag. Het
aantal in kilo aan geconstateerde Lithium Ion batterijen lag onder de 30 kilogram. Wij willen u erop
wijzen dat er niet meer dan 30 kilogram aan beschadigde of defecte energiedragers per
brandcompartiment aanwezig mogen zijn. Dit staat vermeld in de PGS 37. De PGS 37 wordt nog
niet officieel aangestuurd in de wetgeving, maar dit gaat in de toekomst wel gebeuren.
Nalezen wetgeving
U leest via www.wetten.nl en www.iplo.nl meer over deze wetgeving.
Bel of mail gerust als u vragen heeft
Neem dan contact met ons op via telefoonnummer of e-mailadres bovenaan de brief.
Hoogachtend,
namens het college van burgemeester en wethouders van Edam-Volendam,
J. Zandhuis
directeur
Deze brief is geautomatiseerd verwerkt
• Documenten waaruit blijkt dat de KCA-opslag voldoet aan 60 minuten brandwerendheid;
• Een verklaring met bewijs waarin u de herkomst van het ingezamelde AEEA aantoont.
Komt dit van particulieren of bedrijven, of komt dit van beide binnen?
Stuur ons de gegevens binnen vier weken na verzenddatum van deze brief via bovenstaand e-
mailadres. De milieustraat is volgens artikel 5:20 eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht
verplicht om mee te werken.
Zienswijze
Wij geven de milieustraat de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen over ons voornemen tot
het opleggen van deze dwangsom. De milieustraat kan de reactie, bij voorkeur schriftelijk, geven
binnen vier weken na verzenddatum van deze brief. Voor een mondelinge reactie kunt u contact
opnemen met de contactpersoon bovenaan de brief. Een schriftelijke reactie kan via het
bovengenoemde e-mailadres.
Mogelijk strafrechtelijk opgetreden
Wij sluiten aan bij de Landelijke Handhavingsstrategie. Een kopie van deze waarschuwingsbrief is
verzonden aan Politie, Eenheid Noord-Holland, Team Milieu en de boa-coördinator van
Omgevingsdienst IJmond. Politie en boa’s hebben de bevoegdheid om alsnog strafrechtelijk op te
treden. Dit leidt meestal tot het opleggen van een boete.
Afgedankte Lithium Ion batterijen
Tijdens de controle hebben wij enkele Lithium Ion batterijen geconstateerd in de KCA-opslag. Het
aantal in kilo aan geconstateerde Lithium Ion batterijen lag onder de 30 kilogram. Wij willen u erop
wijzen dat er niet meer dan 30 kilogram aan beschadigde of defecte energiedragers per
brandcompartiment aanwezig mogen zijn. Dit staat vermeld in de PGS 37. De PGS 37 wordt nog
niet officieel aangestuurd in de wetgeving, maar dit gaat in de toekomst wel gebeuren.
Nalezen wetgeving
U leest via www.wetten.nl en www.iplo.nl meer over deze wetgeving.
Bel of mail gerust als u vragen heeft
Neem dan contact met ons op via telefoonnummer of e-mailadres bovenaan de brief.
Hoogachtend,
namens het college van burgemeester en wethouders van Edam-Volendam,
J. Zandhuis
directeur
Deze brief is geautomatiseerd verwerkt
Openbaar document
Bijlage 2 - Zienswijze aan ODIJmond n.a.v. controle milieustraat Volendam
Pagina 1
Kijk voor meer informatie op www.edam-volendam.nl
Postbus 180 1130 AD Volendam
Omgevingsdienst IJmond
t.a.v. dhr. D. Grooteman
Postbus 325
1940 AH BEVERWIJK
Uw brief van Uw kenmerk Ons kenmerk Datum
20 juli 2026 DYGR/MIJA/ODIJ-Z-26-
179911
Z26162082 30 juli 2026
Onderwerp Doorkiesnummer Bijlage(n)
Geachte heer D. Grooteman,
Op 8 mei 2026 heeft u een controle uitgevoerd op onze milieustraat aan de Julianaweg 137 in
Volendam. In uw brief van 20 juli 2026 heeft u ons geïnformeerd over een aantal geconstateerde
overtredingen. U heeft ons verzocht deze overtredingen binnen twaalf weken na de verzenddatum van
uw brief te beëindigen. Hieronder lichten wij per overtreding toe welke maatregelen wij hebben
getroffen of nog zullen treffen. Deze brief kunt u tevens beschouwen als onze zienswijze op uw
voornemen tot het opleggen van een last onder dwangsom.
1. In werking zonder omgevingsvergunning
U heeft geconstateerd dat op de milieustraat activiteiten worden verricht waarvoor geen
omgevingsvergunning milieu is verleend. Het betreft het mengen van afgedankte elektrische en
elektronische apparatuur (AEEA) die gevaarlijke onderdelen bevat met AEEA zonder gevaarlijke
onderdelen. Daarnaast betreft het innemen en opslaan van bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke
afvalstoffen. In uw brief geeft u aan dat deze overtreding kan worden beëindigd door de betreffende
activiteiten te staken, dan wel door een nieuwe aanvraag voor een omgevingsvergunning in te dienen
of de aanvullende gegevens voor 10 augustus 2026 aan te leveren.
Op 6 mei 2025 hebben wij een aanvraag voor een omgevingsvergunning bij u ingediend. Deze aanvraag
heeft betrekking op het innemen en opslaan van bedrijfsafvalstoffen op de milieustraat. In uw brief van
10 juni 2026 heeft u verzocht om aanvullende gegevens. Tijdens een overleg op 15 juli 2026 is nader
toegelicht welke gegevens nog noodzakelijk zijn. Het betreft:
• Een milieueffectbeoordeling;
• Een geactualiseerd acceptatie- en controlebeleid;
• Het AO/IC-beleid;
• Een beschrijving van de maatregelen voor doelmatig energieverbruik
Zienswijze op voornemen last
onder dwangsom en
vordering gegevens,
milieustraat Volendam
Jelle Kaars
(0299) 398 398
2
Postbus 180 1130 AD Volendam
Omgevingsdienst IJmond
t.a.v. dhr. D. Grooteman
Postbus 325
1940 AH BEVERWIJK
Uw brief van Uw kenmerk Ons kenmerk Datum
20 juli 2026 DYGR/MIJA/ODIJ-Z-26-
179911
Z26162082 30 juli 2026
Onderwerp Doorkiesnummer Bijlage(n)
Geachte heer D. Grooteman,
Op 8 mei 2026 heeft u een controle uitgevoerd op onze milieustraat aan de Julianaweg 137 in
Volendam. In uw brief van 20 juli 2026 heeft u ons geïnformeerd over een aantal geconstateerde
overtredingen. U heeft ons verzocht deze overtredingen binnen twaalf weken na de verzenddatum van
uw brief te beëindigen. Hieronder lichten wij per overtreding toe welke maatregelen wij hebben
getroffen of nog zullen treffen. Deze brief kunt u tevens beschouwen als onze zienswijze op uw
voornemen tot het opleggen van een last onder dwangsom.
1. In werking zonder omgevingsvergunning
U heeft geconstateerd dat op de milieustraat activiteiten worden verricht waarvoor geen
omgevingsvergunning milieu is verleend. Het betreft het mengen van afgedankte elektrische en
elektronische apparatuur (AEEA) die gevaarlijke onderdelen bevat met AEEA zonder gevaarlijke
onderdelen. Daarnaast betreft het innemen en opslaan van bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke
afvalstoffen. In uw brief geeft u aan dat deze overtreding kan worden beëindigd door de betreffende
activiteiten te staken, dan wel door een nieuwe aanvraag voor een omgevingsvergunning in te dienen
of de aanvullende gegevens voor 10 augustus 2026 aan te leveren.
Op 6 mei 2025 hebben wij een aanvraag voor een omgevingsvergunning bij u ingediend. Deze aanvraag
heeft betrekking op het innemen en opslaan van bedrijfsafvalstoffen op de milieustraat. In uw brief van
10 juni 2026 heeft u verzocht om aanvullende gegevens. Tijdens een overleg op 15 juli 2026 is nader
toegelicht welke gegevens nog noodzakelijk zijn. Het betreft:
• Een milieueffectbeoordeling;
• Een geactualiseerd acceptatie- en controlebeleid;
• Het AO/IC-beleid;
• Een beschrijving van de maatregelen voor doelmatig energieverbruik
Zienswijze op voornemen last
onder dwangsom en
vordering gegevens,
milieustraat Volendam
Jelle Kaars
(0299) 398 398
2
Pagina 2
Kijk voor meer informatie op www.edam-volendam.nl
Postbus 180 1130 AD Volendam
• Actuele situatietekeningen van de inrichting.
Deze gegevens hebben wij op 30 juli 2026 per e-mail toegezonden aan de heer Hoogenbosch. Wij gaan
ervan uit dat wij hiermee aan uw verzoek hebben voldaan.
2. Melden Landelijk Meldpunt Afvalstoffen (LMA)
In uw brief geeft u aan dat, gelet op de bedrijven die afvalstoffen bij de milieustraat aanbieden,
aannemelijk is dat ook gevaarlijke afvalstoffen afkomstig van bedrijven worden ingenomen. Volgens u is
de milieustraat daardoor meldingsplichtig bij het LMA en dienen de ontvangen bedrijfsafvalstoffen bij
het LMA te worden gemeld. U geeft aan dat deze overtreding kan worden beëindigd door een
verwerkersnummer bij het LMA aan te vragen en de ontvangen afvalstoffen te melden, dan wel te
stoppen met het innemen van gevaarlijke afvalstoffen afkomstig van bedrijven.
Wij hebben besloten om per 1 oktober 2026 te stoppen met het innemen van gevaarlijke stoffen
afkomstig van bedrijven. Wij gaan ervan uit dat hiermee aan de gestelde verplichting wordt voldaan.
3. Niet voldoen aan acceptatie-en verwerkingsbeleid
U heeft geconstateerd dat de milieustraat niet voldoet aan het acceptatie- en verwerkingsbeleid, omdat
het innemen van bedrijfsafval niet wordt ontmoedigd, terwijl dit wel in het huidige beleid is
opgenomen.
In ons geactualiseerde acceptatie- en controlebeleid is deze bepaling niet langer opgenomen. Daarnaast
leggen wij de gemeenteraad een voorstel voor om uitsluitend toegang tot de milieustraat te verlenen
met een door de gemeente verstrekte toegangspas. De behandeling van dit voorstel staat gepland voor
24 september 2026. De invoering van deze toegangscontrole zal naar verwachting een ontmoedigende
werking hebben op het aanbieden van bedrijfsafval.
Het geactualiseerde acceptatie- en controlebeleid hebben wij op 30 juli 2026 per e-mail toegezonden
aan de heer Hoogenbosch. Wij gaan ervan uit dat wij hiermee aan uw verzoek hebben voldaan.
4a. Afgifte metaalafval
U heeft geconstateerd dat wij tijdens de controle geen bewijs van afgifte van metaalafval konden
overleggen.
Het metaalafval wordt afgegeven aan een erkende inzamelaar. Van deze afgifte wordt een registratie
bijgehouden. De betreffende documenten kunnen wij tijdens een volgend controlebezoek aan u tonen.
Wij gaan ervan uit dat hiermee aan de gestelde verplichting wordt voldaan.
4b. Onjuist melden afvalstoffen
U heeft geconstateerd dat het ingenomen AEEA hoofdzakelijk bestaat uit AEEA zonder gevaarlijke
onderdelen en dat hiervoor een onjuiste Euralcode wordt gebruikt.
Zoals we onder punt 2 al hebben aangegeven zullen we per 1 oktober 2026 stoppen met het innemen
van gevaarlijke stoffen van bedrijven. Het AEEA van inwoners wordt vervolgens op de juiste manier
gescheiden en onder de juiste euralcode afgevoerd. Wij gaan ervan uit dat hiermee aan de gestelde
verplichting wordt voldaan.
Postbus 180 1130 AD Volendam
• Actuele situatietekeningen van de inrichting.
Deze gegevens hebben wij op 30 juli 2026 per e-mail toegezonden aan de heer Hoogenbosch. Wij gaan
ervan uit dat wij hiermee aan uw verzoek hebben voldaan.
2. Melden Landelijk Meldpunt Afvalstoffen (LMA)
In uw brief geeft u aan dat, gelet op de bedrijven die afvalstoffen bij de milieustraat aanbieden,
aannemelijk is dat ook gevaarlijke afvalstoffen afkomstig van bedrijven worden ingenomen. Volgens u is
de milieustraat daardoor meldingsplichtig bij het LMA en dienen de ontvangen bedrijfsafvalstoffen bij
het LMA te worden gemeld. U geeft aan dat deze overtreding kan worden beëindigd door een
verwerkersnummer bij het LMA aan te vragen en de ontvangen afvalstoffen te melden, dan wel te
stoppen met het innemen van gevaarlijke afvalstoffen afkomstig van bedrijven.
Wij hebben besloten om per 1 oktober 2026 te stoppen met het innemen van gevaarlijke stoffen
afkomstig van bedrijven. Wij gaan ervan uit dat hiermee aan de gestelde verplichting wordt voldaan.
3. Niet voldoen aan acceptatie-en verwerkingsbeleid
U heeft geconstateerd dat de milieustraat niet voldoet aan het acceptatie- en verwerkingsbeleid, omdat
het innemen van bedrijfsafval niet wordt ontmoedigd, terwijl dit wel in het huidige beleid is
opgenomen.
In ons geactualiseerde acceptatie- en controlebeleid is deze bepaling niet langer opgenomen. Daarnaast
leggen wij de gemeenteraad een voorstel voor om uitsluitend toegang tot de milieustraat te verlenen
met een door de gemeente verstrekte toegangspas. De behandeling van dit voorstel staat gepland voor
24 september 2026. De invoering van deze toegangscontrole zal naar verwachting een ontmoedigende
werking hebben op het aanbieden van bedrijfsafval.
Het geactualiseerde acceptatie- en controlebeleid hebben wij op 30 juli 2026 per e-mail toegezonden
aan de heer Hoogenbosch. Wij gaan ervan uit dat wij hiermee aan uw verzoek hebben voldaan.
4a. Afgifte metaalafval
U heeft geconstateerd dat wij tijdens de controle geen bewijs van afgifte van metaalafval konden
overleggen.
Het metaalafval wordt afgegeven aan een erkende inzamelaar. Van deze afgifte wordt een registratie
bijgehouden. De betreffende documenten kunnen wij tijdens een volgend controlebezoek aan u tonen.
Wij gaan ervan uit dat hiermee aan de gestelde verplichting wordt voldaan.
4b. Onjuist melden afvalstoffen
U heeft geconstateerd dat het ingenomen AEEA hoofdzakelijk bestaat uit AEEA zonder gevaarlijke
onderdelen en dat hiervoor een onjuiste Euralcode wordt gebruikt.
Zoals we onder punt 2 al hebben aangegeven zullen we per 1 oktober 2026 stoppen met het innemen
van gevaarlijke stoffen van bedrijven. Het AEEA van inwoners wordt vervolgens op de juiste manier
gescheiden en onder de juiste euralcode afgevoerd. Wij gaan ervan uit dat hiermee aan de gestelde
verplichting wordt voldaan.
Pagina 3
Kijk voor meer informatie op www.edam-volendam.nl
Postbus 180 1130 AD Volendam
5. Deuren KCA-opslag in geopende stand vastgezet
U heeft geconstateerd dat de deuren van de KCA-opslag in geopende stand waren vastgezet.
Op de inpandige deuren van KCA-opslag wordt aangegeven dat deze afgesloten moeten zijn en de
medewerkers op de milieustraat zijn geïnstrueerd dat de deuren gesloten moeten blijven en niet in
geopende stand mogen worden vastgezet. Hiermee is de geconstateerde overtreding beëindigd.
6. Te grote opslag ADR 3 buiten opslagvoorziening
U heeft geconstateerd dat in de loods van de buitendienst meer dan 25 liter ADR 3 VPII-stof aanwezig
was.
De aanwezige voorraad is inmiddels teruggebracht tot minder dan de toegestane hoeveelheid. Wij gaan
ervan uit dat hiermee aan de gestelde verplichting wordt voldaan.
7a. Gasflessenopslag – brandbare objecten
U heeft geconstateerd dat zich binnen vijf meter van de gasflessenopslag een brandbaar object bevond.
In een straal van vijf meter rondom deze opslag wordt duidelijk aangegeven dat men er niet mag
parkeren of andere brandbare materialen mag opslaan. Ook zijn de medewerkers op de milieustraat
hierover geïnstrueerd. Hiermee is de overtreding beëindigd.
7b. Gasflessenopslag - signalering
U heeft geconstateerd dat vanaf de aanlooproutes geen duidelijk zichtbare signalering aanwezig was
die de gevaareigenschappen van de opgeslagen gassen aangeeft.
De vereiste signalering is inmiddels aangebracht. Wij gaan ervan uit dat hiermee aan de gestelde
verplichting wordt voldaan.
Aanvullende gegevens
Naast de hiervoor genoemde overtredingen heeft u ons verzocht om de volgende aanvullende
gegevens te verstrekken.
1. Overzicht bedrijven
Een actueel overzicht van de bedrijven die afvalstoffen aanbieden, inclusief de aard en de
hoeveelheden van de aangeleverde afvalstoffen, is als bijlage bij deze brief opgenomen.
2. Brandwerendheid KCA-opslag
Een verklaring waaruit blijkt dat de KCA-opslag voldoet aan de brandwerendheid van 60 minuten is als
bijlage bij deze brief opgenomen.
3. Herkomst ingezameld AEEA
U heeft verzocht om een verklaring met bewijsstukken waaruit de herkomst van het ingezamelde AEEA
blijkt.
Zoals wij ook tijdens het controlebezoek van 8 mei 2026 hebben toegelicht, beschikken wij niet in alle
gevallen over informatie waaruit kan worden afgeleid of het aangeleverde AEEA afkomstig is van
Postbus 180 1130 AD Volendam
5. Deuren KCA-opslag in geopende stand vastgezet
U heeft geconstateerd dat de deuren van de KCA-opslag in geopende stand waren vastgezet.
Op de inpandige deuren van KCA-opslag wordt aangegeven dat deze afgesloten moeten zijn en de
medewerkers op de milieustraat zijn geïnstrueerd dat de deuren gesloten moeten blijven en niet in
geopende stand mogen worden vastgezet. Hiermee is de geconstateerde overtreding beëindigd.
6. Te grote opslag ADR 3 buiten opslagvoorziening
U heeft geconstateerd dat in de loods van de buitendienst meer dan 25 liter ADR 3 VPII-stof aanwezig
was.
De aanwezige voorraad is inmiddels teruggebracht tot minder dan de toegestane hoeveelheid. Wij gaan
ervan uit dat hiermee aan de gestelde verplichting wordt voldaan.
7a. Gasflessenopslag – brandbare objecten
U heeft geconstateerd dat zich binnen vijf meter van de gasflessenopslag een brandbaar object bevond.
In een straal van vijf meter rondom deze opslag wordt duidelijk aangegeven dat men er niet mag
parkeren of andere brandbare materialen mag opslaan. Ook zijn de medewerkers op de milieustraat
hierover geïnstrueerd. Hiermee is de overtreding beëindigd.
7b. Gasflessenopslag - signalering
U heeft geconstateerd dat vanaf de aanlooproutes geen duidelijk zichtbare signalering aanwezig was
die de gevaareigenschappen van de opgeslagen gassen aangeeft.
De vereiste signalering is inmiddels aangebracht. Wij gaan ervan uit dat hiermee aan de gestelde
verplichting wordt voldaan.
Aanvullende gegevens
Naast de hiervoor genoemde overtredingen heeft u ons verzocht om de volgende aanvullende
gegevens te verstrekken.
1. Overzicht bedrijven
Een actueel overzicht van de bedrijven die afvalstoffen aanbieden, inclusief de aard en de
hoeveelheden van de aangeleverde afvalstoffen, is als bijlage bij deze brief opgenomen.
2. Brandwerendheid KCA-opslag
Een verklaring waaruit blijkt dat de KCA-opslag voldoet aan de brandwerendheid van 60 minuten is als
bijlage bij deze brief opgenomen.
3. Herkomst ingezameld AEEA
U heeft verzocht om een verklaring met bewijsstukken waaruit de herkomst van het ingezamelde AEEA
blijkt.
Zoals wij ook tijdens het controlebezoek van 8 mei 2026 hebben toegelicht, beschikken wij niet in alle
gevallen over informatie waaruit kan worden afgeleid of het aangeleverde AEEA afkomstig is van
Pagina 4
Kijk voor meer informatie op www.edam-volendam.nl
Postbus 180 1130 AD Volendam
particulieren of van bedrijven. Om die reden kunnen wij u geen verklaring met bewijsstukken
verstrekken waaruit de herkomst van al het ingezamelde AEEA blijkt.
Wij vertrouwen erop dat de Omgevingsdienst IJmond naar aanleiding van deze zienswijze afziet van het
definitief opleggen van de last onder dwangsom.
Met vriendelijke groet,
Het college van burgemeester en wethouders van Edam-Volendam,
L. Boekel
Afdelingshoofd Openbare Werken a.i.
Deze brief is elektronisch ondertekend en is daarom niet zichtbaar voorzien van een handtekening.
Bijlagen:
1. Actueel overzicht van bedrijven die afvalstoffen op de milieustraat Volendam aanbieden.
2. Verklaring waaruit blijkt dat de KCA-opslag voldoet aan de brandwerendheid van 60 minuten.
Postbus 180 1130 AD Volendam
particulieren of van bedrijven. Om die reden kunnen wij u geen verklaring met bewijsstukken
verstrekken waaruit de herkomst van al het ingezamelde AEEA blijkt.
Wij vertrouwen erop dat de Omgevingsdienst IJmond naar aanleiding van deze zienswijze afziet van het
definitief opleggen van de last onder dwangsom.
Met vriendelijke groet,
Het college van burgemeester en wethouders van Edam-Volendam,
L. Boekel
Afdelingshoofd Openbare Werken a.i.
Deze brief is elektronisch ondertekend en is daarom niet zichtbaar voorzien van een handtekening.
Bijlagen:
1. Actueel overzicht van bedrijven die afvalstoffen op de milieustraat Volendam aanbieden.
2. Verklaring waaruit blijkt dat de KCA-opslag voldoet aan de brandwerendheid van 60 minuten.
Openbaar document
RIB Getroffen maatregelen n.a.v. controle Omgevingsdienst IJmond
Pagina 1
Kijk voor meer informatie op www.edam-volendam.nl
Postbus 180 1130 AD Volendam
Gemeente Edam-Volendam
Gemeenteraad
Postbus 180
1130 AD VOLENDAM
Datum: 30 juli 2026
Onderwerp: Maatregelen milieustraat Volendam n.a.v. controle Omgevingsdienst IJmond
Zaaknummer: Z26162082
Bijlagen: 2
Geachte leden van de raad,
Op 8 mei 2026 hebben toezichthouders van Omgevingsdienst IJmond de activiteiten op naleving van de
Omgevingswet op de milieustraat Volendam gecontroleerd. Tijdens deze controle zijn een aantal
overtredingen geconstateerd. Hierover heeft de Omgevingsdienst IJmond een brief geschreven (zie
bijlage 1). In de brief wordt aangegeven dat de omgevingsdienst van plan is voor de geconstateerde
overtredingen een last onder dwangsom op te leggen, tenzij de overtredingen op de voorgeschreven
wijze en binnen 12 weken na verzenddatum van de brief worden beëindigd.
Met deze raadsinformatiebrief willen wij u informeren dat we een zienswijze hebben ingediend op de
last onder dwangsom (zie bijlage 2) en welke maatregelen we gaan treffen om de overtredingen op te
lossen. De belangrijkste maatregelen die we gaan treffen zijn het aanvragen van een nieuwe vergunning
voor de milieustraat Volendam en het niet meer innemen van gevaarlijke afvalstoffen van bedrijven
vanaf 1 oktober 2026.
In werking zonder omgevingsvergunning
Er is geconstateerd dat op de milieustraat activiteiten worden verricht waarvoor geen
omgevingsvergunning milieu is verleend. Het betreft het mengen van afgedankte elektrische en
elektronische apparatuur (AEEA) die gevaarlijke onderdelen bevat met AEEA zonder gevaarlijke
onderdelen. Daarnaast betreft het innemen en opslaan van bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke
afvalstoffen.
Getroffen maatregel
Op 6 mei 2025 hebben wij een aanvraag voor een omgevingsvergunning bij de Omgevingsdienst IJmond
ingediend. Deze aanvraag heeft betrekking op het innemen en opslaan van bedrijfsafvalstoffen op de
milieustraat. In de reactie van 10 juni 2026 heeft de omgevingsdienst verzocht om aanvullende
gegevens. Deze gegevens hebben wij op 30 juli 2026 toegezonden aan de Omgevingsdienst IJmond en
we verwachten dit jaar de omgevingsvergunning voor de milieustraat Volendam te ontvangen. Met
deze vergunning mogen we ook bedrijfsafval innemen.
Postbus 180 1130 AD Volendam
Gemeente Edam-Volendam
Gemeenteraad
Postbus 180
1130 AD VOLENDAM
Datum: 30 juli 2026
Onderwerp: Maatregelen milieustraat Volendam n.a.v. controle Omgevingsdienst IJmond
Zaaknummer: Z26162082
Bijlagen: 2
Geachte leden van de raad,
Op 8 mei 2026 hebben toezichthouders van Omgevingsdienst IJmond de activiteiten op naleving van de
Omgevingswet op de milieustraat Volendam gecontroleerd. Tijdens deze controle zijn een aantal
overtredingen geconstateerd. Hierover heeft de Omgevingsdienst IJmond een brief geschreven (zie
bijlage 1). In de brief wordt aangegeven dat de omgevingsdienst van plan is voor de geconstateerde
overtredingen een last onder dwangsom op te leggen, tenzij de overtredingen op de voorgeschreven
wijze en binnen 12 weken na verzenddatum van de brief worden beëindigd.
Met deze raadsinformatiebrief willen wij u informeren dat we een zienswijze hebben ingediend op de
last onder dwangsom (zie bijlage 2) en welke maatregelen we gaan treffen om de overtredingen op te
lossen. De belangrijkste maatregelen die we gaan treffen zijn het aanvragen van een nieuwe vergunning
voor de milieustraat Volendam en het niet meer innemen van gevaarlijke afvalstoffen van bedrijven
vanaf 1 oktober 2026.
In werking zonder omgevingsvergunning
Er is geconstateerd dat op de milieustraat activiteiten worden verricht waarvoor geen
omgevingsvergunning milieu is verleend. Het betreft het mengen van afgedankte elektrische en
elektronische apparatuur (AEEA) die gevaarlijke onderdelen bevat met AEEA zonder gevaarlijke
onderdelen. Daarnaast betreft het innemen en opslaan van bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke
afvalstoffen.
Getroffen maatregel
Op 6 mei 2025 hebben wij een aanvraag voor een omgevingsvergunning bij de Omgevingsdienst IJmond
ingediend. Deze aanvraag heeft betrekking op het innemen en opslaan van bedrijfsafvalstoffen op de
milieustraat. In de reactie van 10 juni 2026 heeft de omgevingsdienst verzocht om aanvullende
gegevens. Deze gegevens hebben wij op 30 juli 2026 toegezonden aan de Omgevingsdienst IJmond en
we verwachten dit jaar de omgevingsvergunning voor de milieustraat Volendam te ontvangen. Met
deze vergunning mogen we ook bedrijfsafval innemen.
Pagina 2
Kijk voor meer informatie op www.edam-volendam.nl
Postbus 180 1130 AD Volendam
Melden Landelijk Meldpunt Afvalstoffen (LMA)
Gelet op de bedrijven die afvalstoffen bij de milieustraat aanbieden, is het aannemelijk dat ook
gevaarlijke afvalstoffen afkomstig van bedrijven worden ingenomen. Volgens de omgevingsdienst is de
milieustraat daardoor meldingsplichtig bij het LMA en dienen de ontvangen bedrijfsafvalstoffen bij het
LMA te worden gemeld.
Te treffen maatregel
Wij hebben besloten om per 1 oktober 2026 te stoppen met het innemen van gevaarlijke stoffen
afkomstig van bedrijven.
Toelichting
Wanneer we als gemeente al het bedrijfsafval moeten melden aan het LMA dient het bedrijfsafval
volledig geadministreerd te worden. Dit betekent dat we per bedrijf dat gevaarlijke afvalstoffen naar de
milieustraat brengt, bij moeten houden wat ze aanleveren en hoeveel ze aanleveren. Hiervoor zal het
bedrijfsafval per categorie op de milieustraat gewogen moeten worden. Ondanks dat het maar om een
gering aantal bedrijven gaat is de milieustraat Volendam hier niet op ingericht. Ook hebben we niet
voldoende personeel op de milieustraat om dit uit te voeren.
Praktisch gezien houdt het in dat bij oprijden van de milieustraat een bedrijfsbus of aanhanger eerst vol
gewogen moet worden op de weegbrug en bij het verlaten van de milieustraat leeg gewogen moet
worden, om te kunnen bepalen hoeveel bedrijfsafval men gebracht heeft. We hebben echter maar 1
weegbrug en de milieustraat is zo ingericht dat er éénrichtingsverkeer is op het bordes waar het afval
gelost wordt. Er kan dus niet twee keer gewogen worden omdat bedrijfsauto’s dan achteruit het bordes
af moeten rijden. Dit veroorzaakt gevaarlijke situaties.
Bij de uitgang van de milieustraat is het eventueel mogelijk om een mobiele weegbrug te plaatsen,
maar daar moet dan ook personeel bij geplaatst worden om de weegbrug te bedienen en bedrijven een
bon van het gemeten gewicht mee te geven. Hiervoor hebben we niet voldoende personeel op de
milieustraat Volendam.
Er is daarom besloten om te stoppen met het innemen van gevaarlijke afvalstoffen van bedrijven. De
overige afvalstoffen van bedrijven hoeven we niet per categorie bij te houden en in het LMA te melden,
waardoor we het huidige systeem vooralsnog in stand kunnen houden. Ook kan de huidige inrichting
van de milieustraat gehandhaafd blijven, totdat er een definitief besluit is genomen over het wel of niet
stoppen met het innemen van bedrijfsafval op de milieustraat Volendam.
Wanneer uw raad besluit om bedrijfsafval in te blijven nemen zijn er investeringen nodig voor
benodigde aanpassingen aan de milieustraat. Ook dient er voldoende personeel beschikbaar gesteld te
worden om alles op de milieustraat in goede banen te leiden. Wanneer dat allemaal geregeld is kunnen
ook de gevaarlijke afvalstoffen van bedrijven weer ingenomen worden.
Niet voldoen aan acceptatie-en verwerkingsbeleid
Er is geconstateerd dat de milieustraat niet voldoet aan het acceptatie- en verwerkingsbeleid, omdat
het innemen van bedrijfsafval niet wordt ontmoedigd, terwijl dit wel in het huidige beleid is
opgenomen.
Getroffen maatregel
Postbus 180 1130 AD Volendam
Melden Landelijk Meldpunt Afvalstoffen (LMA)
Gelet op de bedrijven die afvalstoffen bij de milieustraat aanbieden, is het aannemelijk dat ook
gevaarlijke afvalstoffen afkomstig van bedrijven worden ingenomen. Volgens de omgevingsdienst is de
milieustraat daardoor meldingsplichtig bij het LMA en dienen de ontvangen bedrijfsafvalstoffen bij het
LMA te worden gemeld.
Te treffen maatregel
Wij hebben besloten om per 1 oktober 2026 te stoppen met het innemen van gevaarlijke stoffen
afkomstig van bedrijven.
Toelichting
Wanneer we als gemeente al het bedrijfsafval moeten melden aan het LMA dient het bedrijfsafval
volledig geadministreerd te worden. Dit betekent dat we per bedrijf dat gevaarlijke afvalstoffen naar de
milieustraat brengt, bij moeten houden wat ze aanleveren en hoeveel ze aanleveren. Hiervoor zal het
bedrijfsafval per categorie op de milieustraat gewogen moeten worden. Ondanks dat het maar om een
gering aantal bedrijven gaat is de milieustraat Volendam hier niet op ingericht. Ook hebben we niet
voldoende personeel op de milieustraat om dit uit te voeren.
Praktisch gezien houdt het in dat bij oprijden van de milieustraat een bedrijfsbus of aanhanger eerst vol
gewogen moet worden op de weegbrug en bij het verlaten van de milieustraat leeg gewogen moet
worden, om te kunnen bepalen hoeveel bedrijfsafval men gebracht heeft. We hebben echter maar 1
weegbrug en de milieustraat is zo ingericht dat er éénrichtingsverkeer is op het bordes waar het afval
gelost wordt. Er kan dus niet twee keer gewogen worden omdat bedrijfsauto’s dan achteruit het bordes
af moeten rijden. Dit veroorzaakt gevaarlijke situaties.
Bij de uitgang van de milieustraat is het eventueel mogelijk om een mobiele weegbrug te plaatsen,
maar daar moet dan ook personeel bij geplaatst worden om de weegbrug te bedienen en bedrijven een
bon van het gemeten gewicht mee te geven. Hiervoor hebben we niet voldoende personeel op de
milieustraat Volendam.
Er is daarom besloten om te stoppen met het innemen van gevaarlijke afvalstoffen van bedrijven. De
overige afvalstoffen van bedrijven hoeven we niet per categorie bij te houden en in het LMA te melden,
waardoor we het huidige systeem vooralsnog in stand kunnen houden. Ook kan de huidige inrichting
van de milieustraat gehandhaafd blijven, totdat er een definitief besluit is genomen over het wel of niet
stoppen met het innemen van bedrijfsafval op de milieustraat Volendam.
Wanneer uw raad besluit om bedrijfsafval in te blijven nemen zijn er investeringen nodig voor
benodigde aanpassingen aan de milieustraat. Ook dient er voldoende personeel beschikbaar gesteld te
worden om alles op de milieustraat in goede banen te leiden. Wanneer dat allemaal geregeld is kunnen
ook de gevaarlijke afvalstoffen van bedrijven weer ingenomen worden.
Niet voldoen aan acceptatie-en verwerkingsbeleid
Er is geconstateerd dat de milieustraat niet voldoet aan het acceptatie- en verwerkingsbeleid, omdat
het innemen van bedrijfsafval niet wordt ontmoedigd, terwijl dit wel in het huidige beleid is
opgenomen.
Getroffen maatregel
Pagina 3
Kijk voor meer informatie op www.edam-volendam.nl
Postbus 180 1130 AD Volendam
Het acceptatie- en controlebeleid is vernieuwd en de bepaling dat het innemen van bedrijfsafval wordt
ontmoedigd is niet langer opgenomen. Daarnaast wordt uw raad in de vergadering van 24 september
2026 voorgesteld om uitsluitend toegang tot de milieustraat te verlenen met een door de gemeente
verstrekte toegangspas. Hierdoor is er een betere controle op de bedrijven die bedrijfsafval komen
aanbieden.
Afgifte metaalafval
Er is geconstateerd dat tijdens de controle geen bewijs van afgifte van metaalafval overlegd kon
worden.
Het metaalafval wordt afgegeven aan een erkende inzamelaar. Van deze afgifte wordt een registratie
bijgehouden. De betreffende documenten worden bij een volgend controlebezoek aan de
omgevingsdienst getoond.
Onjuist melden afvalstoffen
Er is geconstateerd dat het ingenomen AEEA hoofdzakelijk bestaat uit AEEA zonder gevaarlijke
onderdelen en dat hiervoor een onjuiste Euralcode (afvoercode) wordt gebruikt.
Te treffen maatregel
Zoals we onder punt 2 al hebben aangegeven stoppen we per 1 oktober 2026 met het innemen van
gevaarlijke stoffen van bedrijven. Het AEEA van inwoners wordt vervolgens op de juiste manier
gescheiden en onder de juiste euralcode afgevoerd.
Deuren Klein Chemisch Afval-opslag (KCA-opslag) in geopende stand vastgezet
Er is geconstateerd dat de deuren van de KCA-opslag in geopende stand waren vastgezet.
Te treffen maatregel
Op de inpandige deuren van KCA-opslag wordt aangegeven dat deze afgesloten moeten zijn en de
medewerkers op de milieustraat zijn geïnstrueerd dat de deuren zoveel mogelijk gesloten moeten
blijven en niet in geopende stand mogen worden vastgezet.
Te grote opslag brandbare vloeistoffen buiten opslagvoorziening
Er is geconstateerd dat in de loods van de buitendienst meer dan 25 liter van brandbare vloeistoffen,
zoals benzine, aceton of bepaalde verfsoorten aanwezig was.
Getroffen maatregel
De aanwezige voorraad is inmiddels teruggebracht tot minder dan de toegestane hoeveelheid.
Gasflessenopslag – brandbare objecten en signalering
Er is geconstateerd dat er binnen vijf meter van de gasflessenopslag een vrachtwagen geparkeerd
stond. Ook is geconstateerd dat er vanaf de aanlooproutes geen waarneembare signalering is dat de
gevaareigenschappen van de opgeslagen gassen aangeeft.
Te treffen maatregel
De opslag van gasflessen wordt duidelijk met borden aangegeven en in een straal van 5 meter rondom
deze opslag wordt aangegeven dat men er niet mag parkeren of ander materialen mag opslaan.
Postbus 180 1130 AD Volendam
Het acceptatie- en controlebeleid is vernieuwd en de bepaling dat het innemen van bedrijfsafval wordt
ontmoedigd is niet langer opgenomen. Daarnaast wordt uw raad in de vergadering van 24 september
2026 voorgesteld om uitsluitend toegang tot de milieustraat te verlenen met een door de gemeente
verstrekte toegangspas. Hierdoor is er een betere controle op de bedrijven die bedrijfsafval komen
aanbieden.
Afgifte metaalafval
Er is geconstateerd dat tijdens de controle geen bewijs van afgifte van metaalafval overlegd kon
worden.
Het metaalafval wordt afgegeven aan een erkende inzamelaar. Van deze afgifte wordt een registratie
bijgehouden. De betreffende documenten worden bij een volgend controlebezoek aan de
omgevingsdienst getoond.
Onjuist melden afvalstoffen
Er is geconstateerd dat het ingenomen AEEA hoofdzakelijk bestaat uit AEEA zonder gevaarlijke
onderdelen en dat hiervoor een onjuiste Euralcode (afvoercode) wordt gebruikt.
Te treffen maatregel
Zoals we onder punt 2 al hebben aangegeven stoppen we per 1 oktober 2026 met het innemen van
gevaarlijke stoffen van bedrijven. Het AEEA van inwoners wordt vervolgens op de juiste manier
gescheiden en onder de juiste euralcode afgevoerd.
Deuren Klein Chemisch Afval-opslag (KCA-opslag) in geopende stand vastgezet
Er is geconstateerd dat de deuren van de KCA-opslag in geopende stand waren vastgezet.
Te treffen maatregel
Op de inpandige deuren van KCA-opslag wordt aangegeven dat deze afgesloten moeten zijn en de
medewerkers op de milieustraat zijn geïnstrueerd dat de deuren zoveel mogelijk gesloten moeten
blijven en niet in geopende stand mogen worden vastgezet.
Te grote opslag brandbare vloeistoffen buiten opslagvoorziening
Er is geconstateerd dat in de loods van de buitendienst meer dan 25 liter van brandbare vloeistoffen,
zoals benzine, aceton of bepaalde verfsoorten aanwezig was.
Getroffen maatregel
De aanwezige voorraad is inmiddels teruggebracht tot minder dan de toegestane hoeveelheid.
Gasflessenopslag – brandbare objecten en signalering
Er is geconstateerd dat er binnen vijf meter van de gasflessenopslag een vrachtwagen geparkeerd
stond. Ook is geconstateerd dat er vanaf de aanlooproutes geen waarneembare signalering is dat de
gevaareigenschappen van de opgeslagen gassen aangeeft.
Te treffen maatregel
De opslag van gasflessen wordt duidelijk met borden aangegeven en in een straal van 5 meter rondom
deze opslag wordt aangegeven dat men er niet mag parkeren of ander materialen mag opslaan.
Pagina 4
Kijk voor meer informatie op www.edam-volendam.nl
Postbus 180 1130 AD Volendam
Aanvullende gegevens
Naast de maatregelen voor de genoemde overtredingen hebben we ook de gevraagde aanvullende
gegevens toegezonden aan de omgevingsdienst IJmond.
Wij nemen aan u hierbij voldoende geïnformeerd te hebben.
Met vriendelijke groet,
Het college van burgemeester en wethouders van Edam-Volendam,
de secretaris, de burgemeester,
N.A. Hellingman-Kuiper R.J. Beukers.
Postbus 180 1130 AD Volendam
Aanvullende gegevens
Naast de maatregelen voor de genoemde overtredingen hebben we ook de gevraagde aanvullende
gegevens toegezonden aan de omgevingsdienst IJmond.
Wij nemen aan u hierbij voldoende geïnformeerd te hebben.
Met vriendelijke groet,
Het college van burgemeester en wethouders van Edam-Volendam,
de secretaris, de burgemeester,
N.A. Hellingman-Kuiper R.J. Beukers.