← Terug naar alle raadsvragen

Vervolgvragen economische gevolgen lokale lasten voor horeca en toerisme

Lees de openbare vraag, het antwoord en de bijlagen als webtekst.

Deze raadsvraag over Vervolgvragen economische gevolgen lokale lasten voor horeca en toerisme is gesteld door LEV op 24-08-2026. Het openbare antwoord is gedateerd 17-09-2026. Het dossier bevat 3 documenten.

Leesversie. De tekst hieronder is automatisch uit de openbare PDF-bestanden gehaald. De originele PDF onder ieder document blijft de officiële bron. Bijlagen zijn niet automatisch als vraag of antwoord ingedeeld.

Direct openen

Documenten en bijlagen

Open hier de officiële vraag en beantwoording of één van de bijbehorende stukken als PDF.

  1. LEV Vervolgvragen economische gevolgen lokale lasten voor horeca en toerisme
  2. BVNL Koninklijke Horeca Nederland Edam-Volendam brief aan de gemeente inzake reactie op de zomernota
  3. image0 (1)

Openbaar document

LEV Vervolgvragen economische gevolgen lokale lasten voor horeca en toerisme

Pagina 1

17 september 2026 14:03
Detailrapport Vraag en antwoord los v/h Raadsplein (ID 1072)
Veld Waarde
Datum vraag 24-08-2026
Onderwerp Vervolgvragen economische gevolgen lokale lasten voor horeca en
toerisme
Fractie(s) LEV
Vraag en antwoord Naar aanleiding van de beantwoording van de vragen van BVNL
over de brief van Koninklijke Horeca Nederland Edam-Volendam
heeft onze fractie kennisgenomen van berichtgeving over recent
marktonderzoek naar de bierverkoop in Nederland.

Uit dit onderzoek komt naar voren dat de bierverkoop in
Nederlandse grensregio’s sinds 2024 met bijna 19% is gedaald,
tegenover circa 15% in de rest van Nederland. Daarbij wordt
gewezen op verschillen in accijnzen en belastingen met België en
Duitsland en het daarmee samenhangende consumentengedrag.

Dit is relevant in het licht van de beantwoording door het college.
Op de vraag of onderzoek is gedaan naar de economische gevolgen
voor horeca, recreatiebedrijven, detailhandel en werkgelegenheid
antwoordt het college dat hiervoor geen aanleiding bestaat.

Tegelijkertijd stelt het college dat beslissingen van bezoekers om
onze gemeente te bezoeken niet worden ingegeven door lokale
belastingen en heffingen, maar eerder door de prijs-
kwaliteitverhouding van het geboden product. Ook stelt het college
dat het door KHN Edam-Volendam geschetste beeld van een
neergang gekoppeld aan gemeentelijke financiële maatregelen niet
wordt onderbouwd en niet wordt bevestigd.

Juist nu elders onderzoek aanwijzingen geeft dat verschillen in
belastingen en prijzen wel degelijk invloed kunnen hebben op
consumentengedrag en omzet, roept dit bij onze fractie
vervolgvragen op.

Vraag 1.
Op welk concreet onderzoek, welke data of economische analyse
baseert het college zijn stelling dat beslissingen van bezoekers om
Edam-Volendam te bezoeken niet worden ingegeven door lokale
belastingen en heffingen?
Antwoord 1:
Het college baseert deze stelling niet op een specifiek onderzoek
dat uitsluitend is uitgevoerd voor Edam-Volendam. De uitspraak is
gebaseerd op een bredere economische en bestuurlijke afweging,
waarbij is gekeken naar algemene inzichten over vestigings- en
bezoekmotieven van consumenten en toeristen. Daaruit volgt dat
de keuze om een gemeente te bezoeken doorgaans in sterke mate

Pagina 2

17 september 2026 14:03
Pagina 2

wordt bepaald door het aanbod, de aantrekkelijkheid van de
bestemming, de prijs-kwaliteitverhouding, bereikbaarheid en de
beleving ter plaatse. Lokale belastingen en heffingen zijn voor
bezoekers veelal geen directe factor in de afweging om wel of niet
naar een gemeente te komen.

Vraag 2.
Indien aan deze stelling geen specifiek onderzoek naar Edam-
Volendam ten grondslag ligt, kan het college toelichten waarom
deze conclusie desondanks zo stellig is geformuleerd?
Antwoord 2:
Ook zonder een specifiek lokaal onderzoek kan het college op basis
van beschikbare algemene kennis en ervaring tot deze conclusie
komen. Het is een algemene beleidsmatige inschatting dat
bezoekersbeslissingen niet primair worden gestuurd door
gemeentelijke lasten, maar door concrete eigenschappen van het
bezoekdoel. Dat neemt niet weg dat lokale lasten voor
ondernemers wel relevant zijn in hun bedrijfsvoering. De stelling
ziet op het gedrag van bezoekers, niet op de kostenstructuur van
ondernemers. Toeristen reageren vooral op grote kostenposten
(zoals reis en verblijf), minder op kleine prijsverschillen op locatie
(zoals horeca of een biertje), omdat deze relatief klein zijn binnen
het totale vakantiebudget. Daarom vormen kleine prijsverschillen
doorgaans geen doorslaggevende factor in het bezoekgedrag van
toeristen.

Vraag 3.
Hoe kan het college enerzijds concluderen dat het door KHN Edam-
Volendam geschetste verband tussen financiële maatregelen en
economische neergang niet wordt onderbouwd of bevestigd, terwijl
het college anderzijds aangeeft zelf geen aanleiding te zien om de
economische gevolgen voor horeca, recreatie, detailhandel en
werkgelegenheid te onderzoeken?
Antwoord 3:
Er is geen sprake van een tegenstrijdigheid. Het college heeft
aangegeven dat het geschetste verband tussen financiële
maatregelen en economische neergang niet is onderbouwd met
concrete lokale gegevens. Tegelijkertijd is er geen aanleiding om
een afzonderlijk onderzoek te starten, omdat er geen objectieve
signalen zijn die een direct causaal verband aannemelijk maken;
KHN uit slechts een vermoeden. Het ontbreken van een onderzoek
betekent niet automatisch dat het geuite vermoeden juist is; het
betekent dat de beschikbare informatie onvoldoende aanleiding gaf
om de veronderstelde relatie te bevestigen.

Vraag 4.
Is het college het ermee eens dat zonder onderzoek niet kan
worden uitgesloten dat de cumulatie van toeristenbelasting,
parkeertarieven, precariobelasting, OZB en andere lokale lasten
invloed heeft op bezoekersgedrag, bestedingen en/of de omzet van
ondernemers? Zo nee, op welke objectieve gegevens baseert het

Pagina 3

17 september 2026 14:03
Pagina 3

college dat?
Antwoord 4:
Het college erkent dat niet volledig kan worden uitgesloten dat de
cumulatie van lokale lasten invloed kan hebben op ondernemers en
in sommige gevallen indirect ook op bezoekersgedrag. Wel geldt
dat voor een dergelijk effect in Edam-Volendam geen hard bewijs
beschikbaar is. De gemeente beschikt momenteel niet over
objectieve gegevens waaruit blijkt dat lokale belastingen en
heffingen een aantoonbaar negatief effect hebben op
bezoekersaantallen, bestedingen of omzet. De beschikbare
informatie wijst eerder op een breed palet aan factoren die de
aantrekkelijkheid van de gemeente bepalen.

Vraag 5.
Heeft het college kennisgenomen van het recente marktonderzoek
waarover in de landelijke media wordt bericht, waaruit blijkt dat de
bierverkoop sinds 2024 in Nederlandse grensregio’s met bijna 19%
is gedaald en waarbij verschillen in accijnzen en belastingen met de
buurlanden als relevante factor worden genoemd?
Antwoord 5:
Ja, het college heeft kennisgenomen van berichtgeving over dit
marktonderzoek en de daarin genoemde daling van de bierverkoop
in grensregio’s. Daarbij is opgemerkt dat dit onderzoek betrekking
heeft op een andere geografische en economische context,
namelijk grensregio’s met directe prijsverschillen met België en
Duitsland voor dezelfde of vrijwel dezelfde producten. De
bevindingen zijn daarom niet vergelijkbaar met het bezoeken van
een toeristische bestemming waarbij van uitwisselbaarheid geen
sprake is.

Vraag 6.
Deelt het college de opvatting dat dit onderzoek in ieder geval
aannemelijk maakt dat prijs- en belastingverschillen van invloed
kunnen zijn op consumentengedrag? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6:
Ja, in algemene zin maakt dergelijk onderzoek aannemelijk dat prijs-
en belastingverschillen invloed kunnen hebben op
consumentengedrag. Dat is op zichzelf niet verrassend.
Tegelijkertijd volgt daaruit nog niet automatisch dat eenzelfde
effect zich in Edam-Volendam in relevante mate voordoet, of dat
lokale gemeentelijke lasten de belangrijkste verklarende factor zijn
voor eventuele omzetontwikkelingen. Zie ook ons antwoord op
vraag 5.

Vraag 7.
KHN Edam-Volendam heeft volgens haar brief gewezen op een
omzetverlegging van circa 15%. Heeft het college onderzocht of
deze gestelde omzetverlegging daadwerkelijk plaatsvindt? Zo ja,
ontvangen wij graag het betreffende onderzoek en de
onderliggende gegevens. Zo nee, op welke feitelijke grondslag kan
het college het door KHN geschetste beeld dan verwerpen?

Pagina 4

17 september 2026 14:03
Pagina 4

Antwoord 7:
Het college heeft geen zelfstandig onderzoek laten uitvoeren naar
de door KHN Edam-Volendam genoemde omzetverlegging van circa
15%. Het percentage wordt door KHN ook niet onderbouwd.
Daarom kan het college ook geen bevestiging geven van dat
percentage. Het college beschikt niet over feiten of data waaruit dit
gestelde cijfer controleerbaar blijkt. De beoordeling van de brief
van KHN is daarom gebaseerd op de inhoud van die brief en de
beschikbare algemene beleidsinformatie, niet op een eigen
econometrisch of empirisch onderzoek.

Vraag 8.
Heeft het college sinds de verhogingen van lokale belastingen en
tarieven onderzocht hoe de omzet, bezoekersaantallen, gemiddelde
bestedingen en/of bedrijfsresultaten van horeca- en toeristische
ondernemingen binnen Edam-Volendam zich hebben ontwikkeld?
Zo ja, graag de resultaten. Zo nee, waarom niet?
Antwoord 8:
Nee, het college heeft sinds de verhogingen van lokale belastingen
en tarieven geen specifiek onderzoek laten uitvoeren naar de
ontwikkeling van omzet, bezoekersaantallen, gemiddelde
bestedingen of bedrijfsresultaten van horeca- en toeristische
ondernemingen in Edam-Volendam. De reden hiervoor is dat de
gemeente deze ontwikkelingen niet structureel op bedrijfsniveau
volgt en geen directe en betrouwbare dataset beschikbaar heeft
waarmee een causaal verband met gemeentelijke lastenverzwaring
kan worden vastgesteld. Wel volgt het college ontwikkelingen in
brede zin via signalen uit de markt, gesprekken met ondernemers,
overleggen met KHN en algemene economische informatie. Uw
raad besluit over de niveaus van lokale belastingen en tarieven.
Daarbij wordt bij voorstellen daarover van onze kant meegewogen
in hoeverre de gemeente daarbij in pas loopt met vergelijkbare
gemeenten.

Vraag 9.
Is het college bereid alsnog onafhankelijk te laten onderzoeken of
er een relatie bestaat tussen de cumulatieve gemeentelijke
lastenverzwaring, bezoekersaantallen, toeristische bestedingen en
de economische positie van horeca, detailhandel en
recreatiebedrijven binnen onze gemeente?
Antwoord 9:
Het college is bereid te bezien of nader onderzoek naar deze vraag
wenselijk en uitvoerbaar is en of deze dan beperkt dient te blijven
tot alleen de horeca. Daarbij geldt wel dat de opzet van een
onafhankelijk onderzoek zorgvuldig moet worden vormgegeven,
zodat de uitkomsten betrouwbaar en bruikbaar zijn. Daarvoor moet
duidelijk zijn welke onderzoeksvraag precies centraal moet staan,
welke data beschikbaar zijn en welke kosten aan een dergelijk
onderzoek zijn verbonden.
Ons college constateert wel in algemene zin een substantieel
stijgende behoefte bij uw raad, blijkend uit een toenemend aantal

Pagina 5

17 september 2026 14:03
Pagina 5

vragen met die strekking, naar zeer specifiek en gedetailleerd
onderzoek naar uiteenlopende onderwerpen Dit pleit, mede gelet
op de breed in uw raad gedragen behoefte en de discussie over
inhuur en uitbesteding, voor het onderbrengen van statistiek en
onderzoek in een eigen team binnen de gemeentelijke organisatie.

Vraag 10.
Is het college bereid de uitkomsten van een dergelijke analyse aan
de raad beschikbaar te stellen voordat nieuwe voorstellen worden
gedaan die leiden tot verdere lastenverzwaring voor bezoekers of
toeristische ondernemers?
Antwoord 10:
Het college onderschrijft het belang van een zorgvuldige
informatievoorziening aan de raad bij voorstellen met financiële
gevolgen voor ondernemers, inwoners en bezoekers. Het is aan de
raad te bepalen of het daarvoor noodzakelijk is inhoudelijke
onderzoeken te doen.

Vraag 11.
Indien het college ook naar aanleiding van deze nieuwe informatie
geen aanleiding ziet voor nader onderzoek, kan het college dan
concreet en controleerbaar onderbouwen op basis van welke feiten
het voldoende zeker acht dat verdere lokale lastenverzwaring geen
negatief effect heeft op bezoekersgedrag, bestedingen en
ondernemersomzet?
Antwoord 11:
Het college kan niet op voorhand met volledige zekerheid uitsluiten
dat verdere lokale lastenverzwaring geen effect heeft op
bezoekersgedrag, bestedingen en ondernemersomzet. Wel acht het
college het, op basis van de beschikbare informatie, niet
aannemelijk dat de gemeentelijke lasten in Edam-Volendam op
zichzelf bepalend zijn voor de economische positie van de sector.
De conclusie is gebaseerd op het ontbreken van concrete lokale
aanwijzingen voor een direct en aantoonbaar verband, aangevuld
met de algemene kennis dat bezoekerskeuzes vooral worden
bepaald door kwaliteit, aanbod en beleving.
Bijlage(s) image0 (1)
BVNL Koninklijke Horeca Nederland Edam-Volendam brief aan de
gemeente inzake reactie op de zomernota

PDF bekijken of downloaden

Controleer opmaak, afbeeldingen, handtekeningen en pagina’s zonder tekstlaag altijd in het originele document.

Openbaar document

BVNL Koninklijke Horeca Nederland Edam-Volendam brief aan de gemeente inzake reactie op de zomernota

Pagina 1

20 augustus 2026 10:36
Detailrapport Vraag en antwoord los v/h Raadsplein (ID 1054)
Veld Waarde
Datum vraag 10-07-2026
Onderwerp Koninklijke Horeca Nederland Edam-Volendam brief aan de
gemeente inzake reactie op de zomernota
Fractie(s) BVNL
Vraag en antwoord Vraag 1.
Kan het college toelichten waardoor de opbrengst uit de
toeristenbelasting structureel met circa € 200.000 neerwaarts
wordt bijgesteld en hoeveel minder overnachtingen hieraan ten
grondslag liggen?
Antwoord 1:
De raming voor de opbrengsten toeristenbelasting 2025 is
tussentijds omhoog bijgesteld. De aanvankelijke raming lag in het
verlengde van de feitelijke opbrengst 2024. Omdat de realisatie
eveneens in het verlengde lag van de feitelijke opbrengst 2024 was
deze opbrengst daarom lager dan de kennelijk te hoog geraamde
bijgestelde raming. Wel is het zo dat er sprake is van een
verminderde opbrengst van de belastingopbrengst voor campers op
het terrein Marinapark en als gevolg van de bevriezing van de
toeristenbelasting voor waterrecreatie.
Vraag 2.
Deelt het college de analyse van Koninklijke Horeca Nederland dat
deze neerwaartse bijstelling overeenkomt met ongeveer 50.000 tot
55.000 minder overnachtingen per jaar? Zo nee, wat zijn volgens
het college de juiste cijfers?
Antwoord 2:
Nee. Gezien het feite dat de opbrengsten 2024 en 2025
vergelijkbaar waren is het aantal overnachtingen weliswaar licht
gedaald, maar zeker niet in de orde van grootte die KHN E-V
schetst.

Vraag 3.
Heeft het college onderzocht welke economische gevolgen deze
daling heeft voor horeca, recreatiebedrijven, detailhandel en
werkgelegenheid binnen onze gemeente?
Antwoord 3:
Hier is geen aanleiding voor. Zie antwoord 2.

Vraag 4.
Welke totale lastenverzwaring hebben toeristen en toeristische
ondernemers de afgelopen drie jaar ondervonden als gevolg van
verhogingen van toeristenbelasting, parkeertarieven,
precariobelasting, OZB en overige gemeentelijke heffingen?
Antwoord 4:
De lastenverzwaringen komen overeen met de door uw raad
vastgestelde Kadernota 2025, vastgesteld door uw raad op 11-7-

Pagina 2

20 augustus 2026 10:36
Pagina 2

2024. Verwerkt in de begroting 2025. Landelijk is er sprake geweest
van een lastenverzwaring door de verhoging van de btw op
hotelovernachtingen van 9% naar 21%.
Vraag 5.
Op welk punt verwacht het college dat verdere verhogingen van
belastingen en tarieven leiden tot minder bezoekers en daarmee
mogelijk lagere inkomsten voor zowel ondernemers als gemeente?
Antwoord 5:
Edam-Volendam loopt met belastingen en heffingen niet uit de pas
met de gemeenten in de regio en vergelijkbare gemeenten op
toeristisch gebied. Beslissingen van bezoekers om de gemeente te
bezoeken worden niet ingegeven door de lokale belastingen en
heffingen, maar eerder door de prijs-kwaliteitsverhouding van het
geboden product. Dat lijkt ons bij uitstek een taak voor KHN E-V.
Vraag 6.
Is het college bereid een analyse uit te voeren naar de effecten van
belasting- en tariefverhogingen op bezoekersaantallen,
overnachtingen en toeristische bestedingen voordat verdere
lastenverzwaringen worden voorgesteld?
Antwoord 6:
Zie hiervoor antwoorden 2 en 3.
Vraag 7.
Hoe verhoudt het streven naar meer verblijfstoerisme zich tot een
beleid waarbij de kosten voor overnachten, parkeren en recreëren
tegelijkertijd stijgen?
Antwoord 7:
Zie antwoord 5.
Vraag 8.
Welke concrete indicatoren gebruikt het college om vast te stellen
of het toeristisch beleid succesvol is?
Antwoord 8:
Zoals u weet wordt er nog gewerkt aan het programma Waterfront
met als doelstelling het gebruik van het waterfront in balans. Wij
kunnen niet de effectiviteit van het beleid toetsen nog voor dat het
is vastgesteld.
Vraag 9.
Kan het college een overzicht verstrekken van de ontwikkeling van
het aantal overnachtingen, de gemiddelde verblijfsduur, de
toeristische bestedingen en de bezoekersaantallen over de
afgelopen vijf jaar?
Antwoord 9:
Wij verwijzen naar de Rapportage bezoekersstromen gemeente
Edam-Volendam, aan uw raad toegezonden bij RIB van 5-6-2025.
Vraag 10.
Heeft het college inzicht in de totale economische waarde van
toerisme voor Edam-Volendam, inclusief de directe en indirecte
werkgelegenheid die hiermee samenhangt?
Antwoord 10:
Toerisme wordt niet als een afzonderlijke economische sector
gezien, omdat de bedrijven deels vallen onder detailhandel, deels
horeca, deels dienstverlening en deels cultuur, sport en recreatie. In

Pagina 3

20 augustus 2026 10:36
Pagina 3

de Economische Verkenning MRA 2025 is het volgende te lezen
(pag. 41):
“Tot slot valt op dat de sectoren Cultuur, sport en recreatie, en
Horeca zich relatief snel ontwikkelen. Dit komt deels nog door het
herstel van de coronapandemie. Maar deze sectoren groeien in de
MRA ook relatief hard ten opzichte van het gemiddelde voor
Nederland door de sterke aantrekkingskracht van de MRA voor
zowel binnenlandse als buitenlandse toeristen.”
Volgens de data van dezelfde verkenningen bedroeg het aantal
werkzame personen in de sector horeca voor de hele regio
Waterland in 2023 2000 personen.
Vraag 11.
Is het college het met BVNL eens dat bij de beoordeling van
toeristisch beleid niet uitsluitend gekeken moet worden naar
gemeentelijke belastingopbrengsten, maar ook naar de bredere
economische effecten voor ondernemers, werkgelegenheid en
leefbaarheid?
Antwoord 11:
Zie antwoorden 8 en 10. Het door KHN E-V opgeroepen beeld dat er
sprake is van een neergang gekoppeld aan de financiële
maatregelen binnen onze gemeente wordt niet onderbouwd en
niet bevestigd.
Vraag 12.
Kan het college inzichtelijk maken hoeveel gemeentelijke inkomsten
jaarlijks worden gegenereerd uit toerisme en hoeveel particuliere
economische activiteit en werkgelegenheid daar tegenover staan?
Antwoord 12:
Zie antwoord 10.
Vraag 13.
De Zomernota stelt dat wordt gekeken naar mogelijkheden om de
lastendruk te verleggen naar bezoekers van onze gemeente, met
name dagjesmensen. Op welke onderzoeken, analyses of
economische onderbouwingen baseert het college deze keuze?
Antwoord 13:
Op dit moment zijn de inkomsten voor de gemeente vanuit het
toerisme afkomstig van verblijfstoerisme (toeristenbelasting). Een
substantieel deel van de bezoekers aan onze gemeente bestaat
echter uit dagjesmensen die op dezelfde manier gebruik maken van
de voorzieningen. Vanuit de gedachte dat het rechtvaardiger zou
zijn ook die groep te belasten is de bedoelde toelichting in de
zomernota te lezen. Er is nog geen sprake van verdere uitwerking
daarvan met onderzoeken e.d.
Vraag 14.
Heeft het college onderzocht of de opeenstapeling van hogere
belastingen, parkeertarieven en overige lasten mogelijk leidt tot
een verslechtering van de concurrentiepositie van Edam-Volendam
ten opzichte van andere toeristische bestemmingen?
Antwoord 14:
Zie antwoord 5
Vraag 15.
Kan het college onderbouwen waarom het verstandig is om

Pagina 4

20 augustus 2026 10:36
Pagina 4

bezoekers en toeristische ondernemers steeds zwaarder te
belasten, terwijl de eigen cijfers in de Zomernota juist wijzen op een
afname van de toeristische opbrengsten?
Antwoord 15:
Zie antwoorden 1 en 5. De maatregelen vallen volledig binnen de
door uw raad vastgestelde kaders.

Bijlage(s) KHN EV brief aan de gemeente inzake reactie op de zomernota

PDF bekijken of downloaden

Controleer opmaak, afbeeldingen, handtekeningen en pagina’s zonder tekstlaag altijd in het originele document.

Openbaar document

image0 (1)

Pagina 1

Op deze pagina is geen uitleesbare tekst gevonden. Raadpleeg deze pagina in de originele PDF.

PDF bekijken of downloaden

Controleer opmaak, afbeeldingen, handtekeningen en pagina’s zonder tekstlaag altijd in het originele document.