← Terug naar alle raadsvragen
Leesversie 455 van 472
Anterieure overeenkomst Oosteinde 83, Oosthuizen
Lees de openbare vraag, het antwoord en de bijlagen als webtekst.
Deze raadsvraag over Anterieure overeenkomst Oosteinde 83, Oosthuizen is gesteld door GroenLinks op 26-01-2023. Het openbare antwoord is gedateerd 07-02-2023. Het dossier bevat 1 document.
Leesversie. De tekst hieronder is automatisch uit de openbare PDF-bestanden gehaald. De originele PDF onder ieder document blijft de officiële bron. Bijlagen zijn niet automatisch als vraag of antwoord ingedeeld.
Lees waar de informatie vandaan komt en hoe de leesversie is gemaakt
Direct openen
Documenten en bijlagen
Open hier de officiële vraag en beantwoording of één van de bijbehorende stukken als PDF.
Openbaar document
GL Anterieure overeenkomst Oosteinde 83, Oosthuizen.docx
Pagina 1
7 februari 2023 14:07
08 Vragen los v/h Raadsplein (ID 532)
Veld Waarde
Datum vraag 26-1-2023
Onderwerp Anterieure overeenkomst Oosteinde 83, Oosthuizen
Fractie(s) GroenLinks
Vraag Op de vastgestelde B en W lijst van 20 december 2022 lezen
we dat het college van B en W hebben ingestemd met het
aangaan van een anterieure overeenkomst ten behoeve van
een nieuwe ligboxenstal en mestopslag bij Oosteinde 83 te
Oosthuizen.
Vraag 1:
Waarom is hier een anterieure overeenkomst nodig? Is de
grond eigendom van de gemeente?
Vraag 2:
Betreft dit het vervangen van de huidige stal?
Vraag 3:
Zo niet, heeft de agrariër een natuurvergunning voor
uitbreiding van zijn bedrijf?
Vraag 4:
Is er een bestemmingswijziging nodig en is deze al
doorgevoerd?
Vraag 5:
Is er al een omgevingsvergunning verleend of moet deze nog
verleend worden?
Vraag 6:
Zo ja, wanneer is deze vergunning verleend of wanneer wordt
deze vergunning verleend?
Vraag 7:
Hoe verhoudt zich deze bouw met de bouwstop in verband
met de stikstofproblematiek?
Vraag 8:
Er ligt een Natura 2000 gebied naast. Het is bekend dat dit
gebied niet gezien wordt als kwetsbaar voor stikstofneerslag,
08 Vragen los v/h Raadsplein (ID 532)
Veld Waarde
Datum vraag 26-1-2023
Onderwerp Anterieure overeenkomst Oosteinde 83, Oosthuizen
Fractie(s) GroenLinks
Vraag Op de vastgestelde B en W lijst van 20 december 2022 lezen
we dat het college van B en W hebben ingestemd met het
aangaan van een anterieure overeenkomst ten behoeve van
een nieuwe ligboxenstal en mestopslag bij Oosteinde 83 te
Oosthuizen.
Vraag 1:
Waarom is hier een anterieure overeenkomst nodig? Is de
grond eigendom van de gemeente?
Vraag 2:
Betreft dit het vervangen van de huidige stal?
Vraag 3:
Zo niet, heeft de agrariër een natuurvergunning voor
uitbreiding van zijn bedrijf?
Vraag 4:
Is er een bestemmingswijziging nodig en is deze al
doorgevoerd?
Vraag 5:
Is er al een omgevingsvergunning verleend of moet deze nog
verleend worden?
Vraag 6:
Zo ja, wanneer is deze vergunning verleend of wanneer wordt
deze vergunning verleend?
Vraag 7:
Hoe verhoudt zich deze bouw met de bouwstop in verband
met de stikstofproblematiek?
Vraag 8:
Er ligt een Natura 2000 gebied naast. Het is bekend dat dit
gebied niet gezien wordt als kwetsbaar voor stikstofneerslag,
Pagina 2
7 februari 2023 14:07
Pagina 2
maar in het Markermeer worden door deze stikstofneerslag
grote problemen veroorzaakt. Hiervoor moeten elk jaar
waterplanten worden gemaaid. Brengt u de kosten van deze
operatie in rekening bij de verspreiders van deze stikstof?
Antwoord Antwoord 1:
Initiatiefnemer heeft een verzoek tot wijzigen van het
bestemmingsplan ingediend voor de realisatie van een nieuwe
ligboxenstal en een mestopslag en het deels dempen en
verplaatsen van twee sloten. De grond is niet in eigendom van
de gemeente. Met de anterieure overeenkomst worden diverse
afspraken over het bouwplan juridisch vastgelegd. Onder
andere dat de plankosten door de initiatiefnemer worden
betaald en dat de initiatiefnemer opdrachtgever is voor het
laten opstellen van het gewijzigde bestemmingsplan. Ook
draagt de initiatiefnemer het risico van planschade. De
procedure om het bestemmingsplan te wijzigen loopt nog.
Antwoord 2:
Nee, het gaat juist om de realisatie van een extra stal op het
perceel.
Antwoord 3:
Ja, er is een Wnb vergunning waarin het houden van een
bepaald aantal dieren mogelijk wordt gemaakt. Het aantal
dieren dat de bestemmingswijziging mogelijk maakt valt
binnen deze vergunning.
Antwoord 4:
Ja, de bestemming moet gewijzigd worden omdat de
ligboxenstal niet binnen het huidige bouwvlak past.
Antwoord 5:
Nee, na de bestemmingswijziging wordt een aanvraag
omgevingsvergunning ingediend voor de activiteit bouwen.
Antwoord 6:
n.v.t. zie 5.
Antwoord 7:
Van een bouwstop in verband met stikstof is geen sprake. Wel
heeft de Raad van State op 2 november 2022 bepaald dat de
bouwvrijstelling voor stikstof ongeldig is. Dit houdt in dat
rekening moet worden gehouden met de stikstofeffecten
afkomstig van de bouw- en aanlegfasen, toen de
Pagina 2
maar in het Markermeer worden door deze stikstofneerslag
grote problemen veroorzaakt. Hiervoor moeten elk jaar
waterplanten worden gemaaid. Brengt u de kosten van deze
operatie in rekening bij de verspreiders van deze stikstof?
Antwoord Antwoord 1:
Initiatiefnemer heeft een verzoek tot wijzigen van het
bestemmingsplan ingediend voor de realisatie van een nieuwe
ligboxenstal en een mestopslag en het deels dempen en
verplaatsen van twee sloten. De grond is niet in eigendom van
de gemeente. Met de anterieure overeenkomst worden diverse
afspraken over het bouwplan juridisch vastgelegd. Onder
andere dat de plankosten door de initiatiefnemer worden
betaald en dat de initiatiefnemer opdrachtgever is voor het
laten opstellen van het gewijzigde bestemmingsplan. Ook
draagt de initiatiefnemer het risico van planschade. De
procedure om het bestemmingsplan te wijzigen loopt nog.
Antwoord 2:
Nee, het gaat juist om de realisatie van een extra stal op het
perceel.
Antwoord 3:
Ja, er is een Wnb vergunning waarin het houden van een
bepaald aantal dieren mogelijk wordt gemaakt. Het aantal
dieren dat de bestemmingswijziging mogelijk maakt valt
binnen deze vergunning.
Antwoord 4:
Ja, de bestemming moet gewijzigd worden omdat de
ligboxenstal niet binnen het huidige bouwvlak past.
Antwoord 5:
Nee, na de bestemmingswijziging wordt een aanvraag
omgevingsvergunning ingediend voor de activiteit bouwen.
Antwoord 6:
n.v.t. zie 5.
Antwoord 7:
Van een bouwstop in verband met stikstof is geen sprake. Wel
heeft de Raad van State op 2 november 2022 bepaald dat de
bouwvrijstelling voor stikstof ongeldig is. Dit houdt in dat
rekening moet worden gehouden met de stikstofeffecten
afkomstig van de bouw- en aanlegfasen, toen de
Pagina 3
7 februari 2023 14:07
Pagina 3
bouwvrijstelling nog gold hoefde dat niet. Bij het wijzigen van
het bestemmingsplan overlegt initiatiefnemer daarom een
stifstofberekening die aan deze eisen voldoet.
Antwoord 8:
De gemeente verleent geen medewerking aan bouwprojecten
met een stikstofdepositie hoger dan 0.00 g/mol. Dit moet de
initiatiefnemer aantonen met een stikstofberekening, en
indien daar stikstofdepositie uit volgt is een natuurvergunning
nodig waarin maatregelen staan die mogelijke stikstofeffecten
wegnemen. Indien het bouwplan van Oosteinde 83 doorgang
vindt na de bestemmingswijziging en omgevingsvergunning,
dan heeft deze gelet daarop geen negatief effect op het
Markermeer. Bovendien wordt de groei van waterplanten in
het Markermeer als positief gezien omdat de planten
belangrijk zijn voor de waterkwaliteit. Het maaien van de
planten gebeurt enkel om hinder voor vaartuigen tegen te
gaan. Van het doorleggen van de maaikosten op
initiatiefnemers van bouwplannen is dan ook geen sprake.
Pagina 3
bouwvrijstelling nog gold hoefde dat niet. Bij het wijzigen van
het bestemmingsplan overlegt initiatiefnemer daarom een
stifstofberekening die aan deze eisen voldoet.
Antwoord 8:
De gemeente verleent geen medewerking aan bouwprojecten
met een stikstofdepositie hoger dan 0.00 g/mol. Dit moet de
initiatiefnemer aantonen met een stikstofberekening, en
indien daar stikstofdepositie uit volgt is een natuurvergunning
nodig waarin maatregelen staan die mogelijke stikstofeffecten
wegnemen. Indien het bouwplan van Oosteinde 83 doorgang
vindt na de bestemmingswijziging en omgevingsvergunning,
dan heeft deze gelet daarop geen negatief effect op het
Markermeer. Bovendien wordt de groei van waterplanten in
het Markermeer als positief gezien omdat de planten
belangrijk zijn voor de waterkwaliteit. Het maaien van de
planten gebeurt enkel om hinder voor vaartuigen tegen te
gaan. Van het doorleggen van de maaikosten op
initiatiefnemers van bouwplannen is dan ook geen sprake.